De Hele Mikmak

Bleijenburg 1A
2678 BA De Lier
tel: 0174-510631

De Lierse Prins

v. Haemstedestraat 28
2678 TX De Lier
tel: 06-23526376

Het Paarse Schaap

Groeneveld 2
2636 AL Schipluiden
tel: 06-83651709

 

Pedagogisch Werkboek het Paarse Schaap

 

Voorwoord

 

 

“Het kind staat bij ons centraal”

Ieder kind is uniek en heeft een eigen temperament en eigen persoonlijke kwaliteiten. Binnen natuurkinderdagverblijf “het Paarse Schaap” staat het kind als individu centraal. Ieder kind heeft het recht te zijn zoals het is en in geborgenheid en veiligheid op te groeien tot een evenwichtig, harmonieus en zelfstandig individu. Elk kind maakt een ontwikkeling door in zijn eigen tempo. Hier krijgen de kinderen de tijd en de ruimte voor.

De kinderen moeten zich op ons kinderdagverblijf thuis voelen, moeten kunnen terugvallen op een vertrouwde opvoeder en moeten vanuit die veilige omgeving de wereld om hen heen kunnen verkennen en leren omgaan met andere kinderen.
Het creëren van een veilige en geborgen omgeving is een samenspel tussen leidsters, kinderen en de ruimte waarin ze zich bevinden. Vaste leidsters in een groep, die zorgen voor een grote mate van continuïteit is een belangrijke factor. Kinderen kunnen zich zo hechten aan bepaalde personen, waarmee ze vertrouwd raken en waar ze zich veilig voelen. Een veilige kindvriendelijke ruimte met voldoende uitdaging voor kinderen draagt mede zorg voor een ongehinderde ontwikkeling van de kinderen.
Het pedagogisch werkplan geeft richtlijnen en werkwijzen weer over hoe een veilige en geborgen situatie voor kinderen, waarbinnen ze zich kunnen ontwikkelen, gewaarborgd kan worden binnen ons kindercentrum.

Daarnaast is er op ons dagverblijf veel aandacht voor de natuur, voor het dieren en plantenleven om ons heen. We hopen dat de kinderen op deze manier zorgzaam en met respect om leren gaan met de natuur.

Het pedagogisch werkplan dient echter ook om regelmatig na te denken over de wijze waarop we omgaan met kinderen binnen ons kindercentrum. Welke doelen streven we na en op welke wijze willen we die doelen nastreven? Door regelmatig te overleggen/vergaderen met leiding, leidsters en ouders wordt de kwaliteit binnen ons kinderdagcentrum gewaarborgd. Kwaliteit staat binnen ons kindercentrum hoog in het vaandel.

 

 

 

 

Inleiding

 

Voor u ligt het pedagogisch werkplan van ons natuurkindercentrum “Het Paarse Schaap” , welke toehoort aan Kinderopvang De Lange Keizer. Met dit beleid wordt een inhoudelijke visie gegeven op kinderopvang binnen ons kindercentrum.

 

Kindercentrum het Paarse Schaap maakt deel uit van Kinderopvang De Lange Keizer. De Lange Keizer verzorgt professionele kinderopvang voor verschillende locaties in en om Delft en De Lier. Algemene informatie over de locaties is te vinden op de website www.delangekeizer.nl hier staat ook het pedagogisch beleidsplan beschreven van Kinderopvang De Lange Keizer.

 

Het Paarse Schaap biedt opvang aan kinderen in de leeftijd van 2-4 jaar. We vinden het belangrijk dat de kinderen zich veilig en vertrouwd voelen en dat zij vanuit dit gevoel de vrijheid voelen op onderzoek uit te gaan en zich te ontwikkelen. Wij willen de kinderen daarom opvangen in een veilige maar ook stimulerende en uitdagende omgeving.

Op natuurkindercentrum het Paarse Schaap is daarnaast extra aandacht voor de natuur om ons heen.

 

Wij werken uitsluitend met gekwalificeerde pedagogische medewerkers (groepsleiding) en met groepsleidsters in opleiding. Wij hebben 3 groepsleidsters in dienst, een activiteiten begeleidster en een paar (vaste) invalleidsters. Ook zullen er in de toekomst regelmatig stagiaires op Het Paarse Schaap te vinden zijn en ondersteunende medewerkers. De locatiemanager werkt, naast haar managementtaken, 3 dagen in de week als leidster op de groep. Op het administratiekantoor van de Lange Keizer werken ook administratieve krachten, zij zijn o.a. verantwoordelijk voor de kindplanning, facturering en personeelszaken.

 

Van de leidster wordt verwacht dat zij stimulerend en uitnodigend is. De leidster gaat uit van de kwaliteiten en de mogelijkheden van het kind, en niet van zijn/haar eigen wensen en mogelijkheden. De leidster creëert een veilige en vertrouwde omgeving van waaruit het kind stappen durft te zetten.

 

Dit pedagogisch werkplan is een praktisch uitvloeisel van het pedagogisch beleidsplan. Het werkplan bevat informatie en onderwerpen die een beeld geven van de wijze waarop er in kindercentrum Het Paarse Schaap wordt gewerkt.

 

Mocht u na het lezen van dit werkplan vragen, opmerkingen of ideeën hebben dan kunt u natuurlijk altijd contact opnemen met de locatiemanager of het management. Zij zullen hier altijd voor open staan.

                                               

 

1. Reggio Emilia

 

1.1. Uitgangspunten Reggio Emilia

Alle kinderen beschikken over honderd talen om zich uit te drukken. Naast de spreektaal kunnen kinderen zich uiten in klanken, beweging, kleuren, schilderen, bouwen, boetseren en zoveel meer. Ieder kind is vanaf zijn geboorte rijk aan mogelijkheden, krachtig en creatief.

Vanuit deze uitgangspunten werken pedagogen en kunstenaars in de kindercentra van Reggio Emilia al tientallen jaren dagelijks samen met jonge kinderen in het onderzoeken en het met elkaar uitwisselen van ideeën, gedachten, ervaringen, hypotheses, herinneringen, dromen en theorieën.

 

1.2. Werken met Reggio Emilia

Reggio Emilia is een van de meest vernieuwende en inspirerende pedagogische stromingen in de kinderopvang. Voor ons kindercentrum is deze filosofie een grote inspiratiebron. Maar wat houdt de Reggio-benadering nu precies in? Welke consequenties heeft deze pedagogiek voor de dagelijkse praktijk?

Graag willen wij middels dit pedagogisch werkboek een beeld geven hoe wij op Het Paarse Schaap werken en hoe wij met verschillende onderwerpen omgaan. Wij worden hierbij geïnspireerd door de pedagogische stroming Reggio Emilia

Reggio Emilia is een ‘pedagogiek van het luisteren’ in plaats van een ‘pedagogiek van het vertellen’. De filosofie wordt gezamenlijk ontwikkeld door mensen die deel uit maken van de praktijk: kinderen, groepsleiding, pedagogen, kunstenaars. Er bestaat geen Reggiaanse methode: ons kindercentrum heeft een eigen context, geschiedenis, culturen en dus onze eigen pedagogiek. De Reggio-benadering heeft ons echter geïnspireerd tot een veranderings-, en vernieuwingsproces.

 

1.3. Hoe uit de reggio-benadering zich binnen Het Paarse Schaap?

 

  • Allereerst bestaat de drie groepsruimtes uit verschillende hoeken met en eigen functie. De kinderen kunnen ,afhankelijk van leeftijd en interesse zelf kiezen waar en met wie ze willen spelen. Zoals: de bouwhoek, de poppenhoek, de kussenhoek, het atelier enz.

 

  • Alles wat de kinderen maken is ook echt het werk van de kinderen zelf. Wij werken bijvoorbeeld niet met kleurplaten of voorgemaakte knutselwerkjes. De kinderen kiezen zelf de materialen, voorwerpen en kleuren waarmee ze willen werken. Op deze manier wordt de creativiteit van de kinderen geprikkeld.

 

  • Het maken van foto’s speelt een belangrijke rol binnen Het Paarse Schaap. Op de groep zijn fotowanden aanwezig. Wij vragen bij het intakegesprek om foto’s van thuis mee te nemen naar het dagverblijf. Deze krijgen een prominente plek in de groep. Het idee erachter is dat we kinderen kunnen afleiden met een foto van papa, mama, opa, oma een huisdier e.d. Ook vinden kinderen het erg leuk om aan de andere kinderen te kunnen vertellen wie er voor hen op de foto staan. Er worden ook veel foto’s gemaakt van activiteiten en deze worden door de leidsters opgehangen in de hal, het atelier en rondgestuurd aan ouders via picasa. De kinderen vinden het vaak erg leuk om terug te zien wat zij gemaakt of gedaan hebben en herbeleven een bepaalde gebeurtenis of activiteit of vertellen erover. De ouders krijgen zo een goed beeld van wat het kind heeft gedaan of gemaakt.

       

1.4. Communiceren in meerdere talen
Uitgangspunt van de Reggio-Emiliabenadering is dat kinderen gericht zijn op communicatie. Zij drukken zich daarbij niet alleen uit in gesproken en geschreven taal, maar ook via mimiek, geluid, beweging, dans, drama en muziek. Al deze vormen van communicatie zijn van belang, omdat elke vorm zijn eigen zeggingskracht en mogelijkheden heeft. We vinden het erg belangrijk om veel te praten met de kinderen en eten daarom vaak in kleine groepjes in aparte ruimtes, zo nemen we echt de tijd om naar de kinderen te luisteren. We zorgen dat we veel tijd op ooghoogte met de kinderen bezig zijn door tussen ze mee te spelen, we laten op die manier ook non-verbaal merken dat we open staan voor ideeën en gevoelens van kinderen. En naast de activiteiten die kinderen zelf bedenken zorgen we voor activiteiten waarin kinderen zich op allerlei manieren uit kunnen drukken zoals muziek en dans, creatieve activiteiten zoals tekenen en verven. En zorgen we bv voor verkleedkleding (koe,varken of boer) zodat kinderen ook in een andere “rol”kunnen kruipen.


1.5. Jonge onderzoekers
Kinderen zijn niet alleen gericht op communicatie, maar ook, via communicatie, op het onderzoeken van de wereld om hen heen. De Reggio-Emiliabenadering speelt hierop in door kinderen te laten werken in kleine groepjes waarin de kans op onderlinge uitwisseling optimaal is. Als vanzelf leren kinderen van elkaar, over elkaar, over zichzelf en over de wereld. Zo proberen we de kinderen bewust te maken van het groeiproces van bv een plant als een aardbeienstruik in onze moestuin, kijken we samen naar allerlei dieren om ons heen door bv kikkerdril in een plastic bak uit te laten groeien tot een kikker. En mogen de kinderen naar hartenlust uitproberen hoe stro, zand en vogelvoer aan voelen als je ze in de verf doopt.

1.6. Drie ‘pedagogen’
Een van de ideeën van Reggio Emilia is dat kinderen elkaars ‘eerste pedagoog’ zijn: De kinderen krijgen dan ook regelmatig de kans om allerlei dingen zelf met elkaar uit te proberen tijdens de activiteiten, maar mogen ook af en toe een poosje zonder dat er direct een leidster naast ze staat buiten of in een ruimte binnen spelen. We stimuleren het dat kinderen eerst zelf kleine meningsverschillen proberen op te lossen.

Volwassenen ziet men als ‘tweede pedagoog’:We geven zelf het goede voorbeeld aan de kinderen. En helpen de kinderen keuzes maken als ze dat nodig hebben. We zorgen dat er altijd voldoende materialen aanwezig zijn en geven de kinderen hulp bij het ontdekken van de wereld om hen heen, door bv gericht vragen te stellen en zo kinderen bewust te maken van wat ze doen en zien.

En de omgeving is de ‘derde pedagoog’. De ruimte is zo ingericht dat kinderen als vanzelf uitgedaagd worden om te onderzoeken en te spelen. Daarbij is aandacht voor architectuur, inrichting, lichtval en de kleurkeuze van meubels en materialen. Zo is er een atelier voor de kinderen. En staat veel van de speelmaterialen in speelhoeken met een eigen functie, op kinderooghoogte. Kinderen kunnen daardoor zelf keuzes maken waar, met wie en met wat voor materialen ze spelen. Het speelgoed bestaat niet alleen uit het kant en klare plastic speelgoed, maar er wordt ook veel gebruik gemaakt van restmaterialen zoals kokers. Dit omdat deze materialen de kinderen uitnodigen hun eigen fantasie te gebruiken. Zo is een kartonnen koker de ene keer een tunnel voor een auto, dan weer een toeter of verrekijker en daarna gooit hij er allerlei blokken doorheen.

1.7. Observeren en documenteren
Kenmerkend voor Reggio Emilia is dat de leidsters het onderzoeksproces van kinderen observeren, analyseren en documenteren. Van alle kinderen zijn er foto’s, teksten en “creatieve werkjes” te vinden op de locatie. Voor de kinderen dient dit materiaal als praatplaat en inspiratiebron. Met foto’s maken we ook bv het groei proces van een aardbei duidelijk voor de kinderen. En we versturen de ouders via picasa bijna wekelijks foto’s toe, waardoor ouders heel direct op de hoogte zijn van de activiteiten die wij met de kinderen gedaan hebben en zodat zij daarover door kunnen praten met hun kind.    

                                                

 

2. Pedagogische uitgangspunten van Het Paarse Schaap:

 

Allereerst is de filosofie van Reggio Emilia een belangrijke inspiratie bron voor ons. Dit uit zich voor Het Paarse Schaap in de volgende pedagogische uitgangspunten:

 

Voor ons is het noodzakelijk dat een kind zich veilig, vertrouwd en liefdevol benaderd voelt in de omgeving en in de relatie tot groepsgenoten en leiding. Hierdoor krijgt het kind meer zelfvertrouwen.

 

Wij zien de kinderen als actief en nieuwsgierig in hun eigen ontwikkeling, die graag willen dat de volwassenen voor hen zorgen en ze beschermen maar hen ook helpen om alles zelf te ontdekken.

 

De leidsters nemen de gedachten en meningen van de kinderen serieus. Er wordt goed naar het kind geluisterd en gekeken, zodat duidelijk wordt wat een kind wil en waar hij/zij zich wel of niet prettig bij voelt.

 

Wij benaderen elk kind als individu. Niet iedereen is hetzelfde en kan hetzelfde, maar iedereen is wel de moeite waard om er te mogen zijn.

 

Ons kindercentrum is bedoeld voor kinderen. Dat betekent dat alles wat zich daar bevind voor en van de kinderen is. Ons gebouw is functioneel, maar vooral een prettige sfeer vinden wij erg belangrijk, zodat de kinderen zich snel thuis zullen voelen.

 

Met de ideeën van Reggio Emilia in ons achterhoofd, is er daarnaast op het Paarse Schaap veel aandacht voor de natuur. We vinden het belangrijk om kinderen bekend te maken met het planten en dierenleven om ons heen. We hopen dat deze aandacht voor de natuur zorgt dat de kinderen nu en in de toekomst zorgzaam en met respect met de natuur om leren gaan.

 

2.1. De pedagogische doelstelling van Het Paarse Schaap:

Het bieden van professionele kinderopvang in een veilige en vertrouwde omgeving, waarin we ieder kind op een verantwoorde en veilige manier uitdagen tot activiteit, ontdekking, creativiteit, en met een speciale aandacht voor de natuur om ons heen.

 

3.Kennismaking en wenprocedure

 

3.1.Het kennismakingsgesprek

Ruim voordat het kind op ons dagverblijf wordt geplaatst, wordt er contact opgenomen door de locatiemanager met de ouders van het kind. Er wordt een afspraak gemaakt voor een kennismakingsgesprek/ intakegesprek.

Tijdens het kennismakingsgesprek worden de ouders op de hoogte gesteld van het reilen en zeilen van het dagverblijf.

Ouders wordt iets verteld over onze werkwijze en verder komt het dagprogramma aan de orde en worden ouders op de hoogte gesteld over het ziektebeleid en er wordt verteld wat zij mee moeten nemen de eerste dag naar ons dagverblijf. Uiteraard is er tijdens dit gesprek ook ruimte voor vragen.

Tevens wordt er het één en ander aan de ouder(s) uitgereikt zoals dit pedagogisch werkboek (als het werkboek volledig is), een informatieformulier, twee overeenkomsten/toestemmingsformulier(en) en ouders worden middels een open/dicht formulier op de hoogte gesteld van de sluitingsdagen van Kinderdagverblijf Het Paarse Schaap en informatie over de oudercommissie.

 

Na het informatieve gedeelte vindt er een rondleiding plaats. Vaak hebben ouders ook al eerder een rondleiding gehad, maar in sommige gevallen is dat dan al een tijd geleden gebeurd. De ouders krijgen de verschillende ruimten te zien en worden voorgesteld aan de groepsleiding.

 

Uiteindelijk maken de ouders ook kennis met de toekomstige groepsleidster van het kind. Zij zullen het één en ander over de groep vertellen. Ouders kunnen bijzonderheden over hun kind vertellen en krijgen tevens de ruimte om vragen te stellen. De wenafspraken worden gemaakt met de groepsleiding. Meestal zijn dit twee dagdelen voorafgaande aan de daadwerkelijke contractperiode. Mocht het kindje iets ouder zijn en veel moeite hebben bij het wennen, zullen er meer wenafspraken in overleg met de ouders gemaakt worden.

 

3.2. De wenprocedure

Om een basis te leggen tussen ouders en kinderdagverblijf is een gewenningsperiode ingesteld. Uiteraard is dit vooral voor het betreffende kind van belang. Tijdens de wenperiode geven we de kinderen altijd extra aandacht. Dit om elkaar wat beter te leren kennen en om bij de kinderen het gevoel van zekerheid en veiligheid langzaam op te bouwen. Nieuwe kinderen en hun ouders moeten vertrouwd raken met de nieuwe situatie, de groep en de groepsleiding. Een hartelijk welkom en een open

communicatie zijn van groot belang. Het afscheid van elkaar nemen kan

voor zowel kinderen als ouders moeilijk zijn. De leidsters geven hierin

ondersteuning en begeleiding.

Kinderen moeten de gelegenheid krijgen om in een eigen tempo het gevoel van vertrouwen op te bouwen. Sommige kinderen kunnen zich snel aan ons aanpassen, maar we zijn ons terdege van bewust dat dit voor sommige kinderen meer tijd kost.

Wij vragen ouders nooit in het geheim afscheid te nemen, maar hier duidelijkheid in te geven naar het kind toe. Kinderen moeten het vertrouwen krijgen dat papa’s en mama’s tijdelijk weggaan, maar dat zij altijd weer terugkomen.

In de wenperiode wordt er geen vaste methode of procedure toegepast maar goed gekeken naar de behoefte, het gedrag en de emoties van het kind. Alle inspanningen zijn erop gericht om het kind een gevoel van (emotionele) veiligheid te geven.

Bij het wennen van een tweede kind (broertje/zusje al op Het Paarse Schaap) wordt ook tijd uitgetrokken voor het wennen.

Voor kinderen die al gebruik maken van kdv de Blokkendoos of de Lierse Prins is er bovendien in overleg met ouders de mogelijkheid om af en toe spontaan een dagje mee te gaan naar het Paarse Schaap en zo te ontdekken of ze graag mee gaan. Dan kunnen ouders daarna nog kiezen of hun zoon of dochter definitief een aantal dagen per week naar het Paarse Schaap over geplaatst wordt.

 

4. De Groep en dagindeling

 

4.1. Twee stamgroepen:

Op het Paarse Schaap spelen kinderen in de leeftijd van 2 tot 4 jaar. De locatie bevat twee stamgroepen. De grote stamgroep maakt tijdens eetmomenten gebruik van de grote speelzaal. De kleine (halve) stamgroep maakt tijdens eetmomenten gebruik van de kleinere speelruimte. Voor de kinderen van beide (stam)groepen zijn per week drie vaste leidsters aangesteld. Het aantal kinderen per dag is conform de huidige cao eisen.

4.2. gezamenlijk gebruik van ruimtes:

Wij werken met een “opendeurenbeleid”, dat betekend dat tijdens activiteiten de peuters zich steeds verdelen in kleine groepjes, verdeeld over alle drie de speelruimtes, het atelier en de buitenruimte. De kinderen mogen zelf kiezen in welke ruimte zij zijn en met welke activiteiten zij mee willen doen.

Tussen 12.30 en 15.00 wordt 1 van de kleinere speelruimtes tijdelijk omgebouwd tot slaapruimte. De peuters die niet slapen worden samen opgevangen in de grote speelzaal, het atelier of ze spelen buiten.

De speelruimtes zijn allemaal ingericht met eigen speelhoeken met een eigen karakter. Zo is er in de grote speelzaal een podium met kussens en boekjes, een bouwhoek, een verkleedhoek, open kasten met speelgoed en een kast met puzzels en spelletjes. De eerste (kleine) speelruimte heeft een poppenhoek en een open kast met o.a. muziek instrumenten. De tweede (kleine) speelruimte heeft, als de matrasjes opgestapeld zijn, ruimte om een hindernisbaan te bouwen en om te gymmen en te dansen. Daarnaast kunnen de peuters ook meedoen aan activiteiten in het atelier en buiten.

4.3. Dagindeling:

Rituelen zijn steeds terugkerende momenten in het samenleven. Zij zijn belangrijk omdat zij veiligheid en houvast geven. Het samen eten en drinken, het afruimen, liedjes zingen, verschonen/naar de wc gaan en slapen zijn dagelijks terugkerende rituelen bij Het Paarse Schaap.

Alle handelingen van de dag gebeuren in een zelfde ritme, zodat het dagprogramma duidelijkheid en veiligheid biedt aan het kind

De kinderen starten en eindigen in de speelzaal achter het atelier op de Hele Mikmak. Om 8.45 vertrekken zij vanaf de Hele Mikmak met twee of drie bakfietsen naar het Paarse Schaap. En de leidsters zorgen er voor dat de kinderen vanaf 17.00 weer met de bakfiets terug gebracht zijn op de Hele Mikmak. Waar zij opnieuw in de speelzaal achter het atelier zullen zijn en door de ouders op gehaald kunnen worden.

De peuters volgen het dagritme zoals hieronder beschreven. De dagindeling is ook te lezen op onze website.

7.30-8.45 uur:
De kinderen komen binnen op de hele Mikmak, in de speelzaal achter het atelier, overdracht tussen ouders en leidsters. De kinderen kunnen vrij spelen. Zij spelen met of naast elkaar.

8.45-9.15 uur:

De leidsters fietsen met de kinderen naar het Paarse Schaap.
9.30-10.00 uur:

Aan tafel voor het fruit en de limonade. Er worden dan ook liedjes gezongen en/of een verhaaltje voorgelezen. Er wordt indien nodig in kleine groepjes gegeten. Na het fruit worden de kinderen verschoond en degene die (bijna) zindelijk zijn gaan naar het toilet of op het potje.

10.15-11.30 uur:
Er worden activiteiten aangeboden die aansluiten bij de belevingswereld en ontwikkeling van de kinderen. Bijv. buiten spelen, een creatieve activiteit, aan tafel met de nopper of duplo, alles staat in het teken van het ontdekken en experimenteren van het materiaal en speelgoed.

11.30-12.30 uur:
Met elkaar opruimen en aan tafel voor de lunch. Er wordt indien nodig in kleine groepjes gegeten. Na de lunch worden de kinderen verschoond of gaan zelf naar het toilet en worden uitgekleed om vervolgens heerlijk te gaan slapen. 

12.30-15.00 uur:
Slapen. De "opblijvers" verblijven in de speelzaal en er worden rustige activiteiten aangeboden en er is ruimte voor vrij spelen. De kinderen die

ondertussen wakker worden, worden uit bed gehaald, verschoond of gaan zelf naar het toilet en worden geholpen met aankleden.

15.00-15.30 uur:
Aan tafel voor een cracker/ontbijtkoek en wat te drinken. Er worden eventueel liedjes gezongen en/of een boekje voorgelezen.

15.30-16.15 uur:

 Drie middagen in de week komt Jan Harteveld een klein groepje peuters+ 1 leidster halen voor een rondleiding over de boerderij. De andere middagen worden er buiten of binnen nog korte activiteiten aangeboden.

16.15-17.00 uur:

De kinderen worden aan het eind van de dag weer verschoond en/of gaan nog even naar het toilet. Alle bagage wordt weer verzameld in de bakfietsen en we fietsen samen met de peuters weer naar de Blokkendoos terug.

17.00-18.00 uur:
De kinderen kunnen vrij spelen of een activiteit aan tafel doen in het atelier of de speelzaal achter het atelier van de Blokkendoos. Vanaf 17.00 uur worden de kinderen weer opgehaald. Er vindt een overdracht plaats tussen ouder(s) en leidsters. Wij ruimen met elkaar op en dan is het alweer tijd om naar huis te gaan.

 

4.4. Een dag op Het Paarse Schaap

Om half 8 gaan wij open. Eén leidster start om half 8 in de speelzaal achter het atelier van de Blokkendoos. Om 8.30 uur komt de tweede leidster. De kinderen beginnen de dag met vrij spelen, terwijl de leidster even met de ouders kan praten. Om 8.30 als de tweede leidster binnen komt verzamelen we de kinderen en de bagage en lopen naar de bakfietsen. Om 8.45 vertrekken we met de bakfietsen vanaf de Blokkendoos. Op het Paarse Schaap aangekomen beginnen de peuters buiten of binnen met vrij spelen tot de bagage van de kinderen opgeruimd is en het fruit klaarstaat. Na het fruit eten, drinken en verschoon / toiletritueel kunnen de kinderen kiezen waar en waarmee zij willen spelen. Zij kunnen dan gebruik maken van de verschillende ruimten, de speelhoeken in de speelzaal, het atelier of buiten in de ontdektuin. Diversen activiteiten worden aangeboden en er wordt zoveel mogelijk buiten gespeeld. Daarna is het tijd voor de lunch. Er worden liedjes gezongen met de kinderen en er wordt met elkaar aan tafel brood gegeten en melk gedronken. Het verschonen van de luiers en het toiletritueel gebeurt op vaste momenten van de dag, zo nodig wordt bij ontlasting en bij aangeven van het kind tussendoor natuurlijk ook verschoond. Na de lunch gaan de kinderen die nog slapen naar bed. Uit bed is er weer wat te eten en te drinken voor de kinderen en mogen zij vrij spelen. Drie middagen per week komt Jan Harteveld een klein groepje peuters en 1 leidster halen voor een rondleiding over het boeren erf en de stallen er om heen. Na een laatste verschoonronde pakken we de bagage weer in de

bakfietsen en fietsen met de peuters terug naar de Blokkendoos. De dag

eindigt weer in de speelzaal achter het atelier van de Blokkendoos. Het kan ook wel eens gebeuren dat we aan het eind van de dag buiten zijn. Om 18.00 uur sluit Het Paarse Schaap/ Blokkendoos.

 

5. Voeding

 

Eten is een sociaal moment, met elkaar aan tafel, praten, lachen en samen de tafel dekken en afruimen. De omgeving speelt een grote rol in dit moment van de dag, daarom zorgen wij voor een rustige, ontspannen en gezellige sfeer. Er wordt regelmatig in kleine groepjes gegeten om zo meer rust te creëren aan tafel.

 

Eten is ook een belangrijk aspect bij de opvoeding van kinderen. Daarom stellen wij doelen van waarden en normen die ons oriënteren om verder te gaan met het gedrag van kinderen over het eten.

Eén van onze doelen is dat de kinderen eten en drinken van verschillende smaken mogen proberen. Daarom bieden we het volgende dagelijks aan de kinderen aan; bruin brood, crackers, soepstengels, ontbijtkoek, kaakjes, fruit, komkommer, zoute koekjes, stukjes kaas en/ of worst, sapjes, limonade, melk. Als beleg bieden we: smeerkaas, smeerworst, kaas, verschillende soorten vleeswaren, maar ook pindakaas, hazelnootpasta, jam, gestampte muisjes e.d.

Er wordt afwisseling in het eten geboden door middel van het eten van tosti’s, pannenkoeken en het uitbreiden van beleg d.m.v. knakworstjes en bijvoorbeeld eieren.

 

Kinderen eten tussen de middag bij ons bruine boterhammen met verschillend beleg. Wij bieden kinderen zowel hartig als zoet beleg en proberen hierbij zoveel mogelijk af te wisselen. De kinderen mogen zelf kiezen wat zij op hun boterham willen. De groepsleidsters zijn oplettend dat de kinderen gevarieerd eten. De kinderen eten hun brood in stukjes en/of uit het vuistje. Tijdens het eten wordt er melk, karnemelk, diksap of water gedronken. Kinderen eten en drinken naar behoefte.

 

Tijdens de eetmomenten is er aandacht voor elkaar. Er wordt gepraat en gezongen. Vanuit dit samen eten wordt er aandacht besteed aan eenvoudige tafelmanieren. Hierbij is het voorbeeld van de leidster het belangrijkst. De kinderen worden positief benaderd, eten dient iets leuks te blijven. De ervaring leert dat kinderen die thuis moeilijke eters zijn, op het dagverblijf (onder het mom van…zien eten, doet eten) goede trek hebben.

 

In eerste instantie zullen wij kinderen stimuleren om alles te eten, maar uiteraard respecteren wij ook dat kinderen soms niet alles lusten. In

sommige situaties overleggen wij met de ouders om samen een zelfde mening en gedrag te vinden rondom de eetgewoontes van het kind. Wij willen rekening houden met en kunnen ons tot zekere hoogte aanpassen aan verschillende eetgewoontes.

Bij kinderen met een allergie kijken wij samen met de ouder(s) naar de mogelijkheden. Eventueel kunnen ouders van huis uit het eten meegeven dat het kind wel mag eten en zullen wij hier uiterst zorgzaam mee omgaan.

 

 

6.Hoe wordt er op het dagverblijf omgegaan met:

 

6.1. Komen en gaan

Het brengen van het kind is een belangrijk deel van de dag. Het kind zal afscheid moeten nemen van de ouders. Kinderen kunnen moeite hebben met het loslaten van de vertrouwde ouder. De belofte dat hij later op de dag weer opgehaald zal worden stelt een jong kind niet gerust, want iemand die uit het gezichtveld verdwijnt is vanuit het jonge kind gezien definitief weg.

De leidster ontvangt het kind en de ouder(s) met volle aandacht en enthousiasme. Er vindt een mondelinge overdracht plaats tussen leidster en ouder, de eventuele bijzonderheden over het kind worden gemeld/verteld. De leidster neemt het kind over van de ouder bij het weggaan en samen met het kind wordt de ouder uitgezwaaid, mits het kind hier behoefte aan heeft. Mocht een kind het moeilijk vinden om afscheid te nemen, dan zal de leidster het kind afleiden, door bijvoorbeeld een leuke activiteit aan te bieden (denk aan boekje voorlezen, puzzel maken) U als ouder kan dit proces vergemakkelijken door het afscheid niet teveel te rekken.

Alle kinderen zijn welkom vanaf 7.30 uur. De kinderen kunnen gebracht worden tussen 7.30 en 8.45 uur. Uiteraard is het ook mogelijk om kinderen na deze tijd te brengen. Dan moeten de ouders hun kind zelf naar het Paarse Schaap brengen. Alleen moeten zij zich er dan wel van bewust zijn dat het dagprogramma is begonnen en de leidsters niet altijd volledig de tijd hebben voor een overdracht.

 

Tussen 17.00 uur en 18.00 uur kunnen de kinderen weer worden opgehaald op de Blokkendoos. Natuurlijk is het te allen tijde mogelijk om uw kind eerder op te komen halen. U dient er dan wel rekening mee te houden dat u uw kind uit hun spel of activiteit kunt halen. En dat het kind dan op het Paarse Schaap opgehaald moet worden. Prettig is het als u het van te voren aangeeft bij de leiding, zodat zij er rekening mee kunnen houden en het kind er eventueel op voor kan bereiden.

Bij het ophalen van uw kind brengt de leiding u op de hoogte van de gebeurtenissen van die dag over uw kind. De gegevens over slapen en eten worden ook gedurende de dag in een overdrachtschrift genoteerd. Vraag gerust even naar het schrift als het na de fietstocht nog niet uit gepakt is.

 

Als het kind door iemand anders dan een van de ouders wordt opgehaald willen wij hier van op de hoogte worden gebracht. Wij verzoeken ouders dit dan te melden bij de groepsleiding of locatiemanager.

 

6.2. Corrigeren en belonen

Kinderen zoeken structuur en grenzen. Grenzen zijn voor kinderen nodig om zich in de wereld te kunnen oriënteren. Een kind kan de grenzen ontdekken door het vriendelijke, duidelijke en consequente optreden van een leidster. De leiding moet hierbij rekening houden met de leeftijd van het kind en wat het kind qua ontwikkelingsniveau aankan. Bij kleine kinderen moet het geweten nog gevormd worden, wat nodig is om te weten wat goed en wat fout is. Jonge peuters weten al wel wat goed en fout is, maar kunnen zich alleen aan de regels houden als er begeleiding in de buurt is. Een peuter groeit langzamerhand naar de fase waarin hij de regels naleeft ook zonder directe aanwezigheid van de leiding. Overigens is de vorming van het geweten niet voltooid wanneer hij het dagverblijf op 4-jarige leeftijd verlaat.

De leiding moet consequent blijven, zodat een kind weet waar de grens ligt. Aan het kind zal worden uitgelegd waarom deze grens er is en wat de eventuele consequenties zijn van het overschrijden ervan. Wij prefereren een positieve benadering van het kind en prijzen het gewenste gedrag. Het ongewenste gedrag negeren we zoveel mogelijk of het kind wordt afgeleid door bijvoorbeeld iets anders aan te bieden, dit om het kind uit zijn ongewenste gedrag te halen.

Mocht een kind herhaaldelijk niet gewenst gedrag vertonen, wordt er met het kind gepraat over het gebeuren en over de consequenties van het ongewenste gedrag. Er wordt goed gekeken dat het gedrag van het kind wordt afgekeurd en niet het kind zelf.

 

6.3. Ruzie en conflicten

De leiding zal zich terughoudend opstellen bij het ingrijpen van een conflict, in ieder geval zolang de kinderen elkaar geen pijn doen of er geen onveilige situaties ontstaan. In eerste instantie bekijkt de leiding of de kinderen zelf een oplossing kunnen vinden voor het ontstane probleem. Vaak lost een probleem zich vanzelf op, juist omdat er geen hulp komt vanuit de leiding. Wanneer een probleem niet vanzelf oplost zal de leiding een handje helpen. Dit kan eventueel door afspraken te maken met de kinderen als het bijvoorbeeld een “gevecht” betreft over een stuk speelgoed. Bijvoorbeeld: “ eerst mag jij even met deze auto spelen en daarna mag jij”. De leiding houdt rekening met de karakterverschillen van

de kinderen. Zo zal de groepsleidster een minder weerbaar kind aanmoedigen voor zichzelf op te komen en een “brutaler kind” wat afremmen.

Het kind heeft ook recht om boos te zijn. Er wordt met het kind gepraat over deze emotie. Soms moeten de leidsters deze boosheid onder controle krijgen zodat het kind niet doorslaat in zijn boosheid.

 

Respect is een grote waarde binnen de organisatie. Goede en duidelijke afspraken maken over de wensen en regels van onze organisatie zorgt voor een duidelijke en positieve benadering voor conflicten.

 

6.4.Zindelijkheid

In samenspraak met de ouders wordt er op ons dagverblijf ook aandacht besteed aan de zindelijkheidstraining. Ieder kind ontwikkelt zich op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo. Dit geldt ook voor het zindelijk worden. Een kind wordt zindelijk wanneer hij daar aan toe is. Wij stimuleren wel de zindelijkheidstraining. Kinderen gaan mee naar de wc en mogen op het potje zitten als daar behoefte aan is, het kind wordt hierin zeker niet gedwongen. Op een ongedwongen manier wordt op een positieve manier aan de zindelijkheid begonnen. De leidster zal het kind prijzen voor elke stap die hij zet richting de zindelijkheid. Het weglaten van de luier gebeurt pas na overleg met de ouder. Wij zetten de training voort, nadat er eerst thuis “geoefend” is.

Overigens worden de luiers verstrekt door onze organisatie en hoeven deze niet vanuit huis worden meegenomen. Tijdens het zindelijk worden vragen wij wel om extra kleding mee te nemen.

 

6.5.Trakteren

Verjaardagen en geboortes van broertjes en zusjes worden op ’t Paarse Schaap altijd uitgebreid gevierd. Er wordt echt de tijd genomen om het feestvarken in het zonnetje te zetten. Het jarige kind mag samen met de leidster zelf een verjaardagshoed maken en er worden liedjes gezongen en muziek gemaakt met elkaar. Natuurlijk mag er ook getrakteerd worden. Wij willen hierbij aan de ouders vragen om bij het creëren/kopen van de traktatie te letten op het gezondheidsaspect. De traktaties die de leiding verantwoord achten zullen tijdens het feestje nog genuttigd worden. Onverantwoorde traktaties, denk aan veel snoepgoed of gevaarlijke traktaties zoals een lollie worden aan het einde van de dag aan de ouders meegegeven, zodat ouders zelf een beslissing kunnen maken of het kind de traktatie mag opeten of niet. Voor tips of ideeën over traktaties kunnen ouders altijd bij de leiding en/of locatiemanager terecht.

 

6.6. Feesten

Op het Paarse Schaap wordt altijd aandacht besteed aan de feestdagen. Ieder jaar worden er commissies aangesteld binnen het team die zich zullen buigen over de voorbereidingen van een feest.

Zo hebben we ieder jaar voor de zomervakantie een feest waar de ouders

ook voor uitgenodigd worden. Ook vieren we het sinterklaasfeest op een rustige en ingetogen manier en ook aan het paas-, en kerstfeest gaan we niet voorbij, waarbij aan het religieuze deel van deze feesten geen aandacht wordt besteedt. Uiteraard worden van alle verjaardagen en afscheidsfeesten een bijzondere gebeurtenis gemaakt. Als het kind ’t Paarse Schaap verlaat is er een afscheidscadeautje.

 

6.7. Speelgoed meenemen van thuis

Kinderen mogen speelgoed meenemen van huis naar ’t Paarse Schaap. Dit is voor een kind van groot emotioneel belang en maakt voor hem een verbinding tussen thuis en kinderdagverblijf.

Ouders worden wel gewaarschuwd dat dit speelgoed kapot kan gaan of kwijt kan raken. De kinderen mogen het speelgoed wel meenemen de groep in, maar dan is het wel zo dat ander kinderen er ook mee mogen spelen. Mocht het kind hier problemen mee krijgen dan wordt er gekeken naar een oplossing. We kunnen bv. het speelgoed dan in samenwerking met het kind in een mandje leggen.

Uiteraard mogen kinderen ook hun knuffels of speentje meenemen naar ons dagverblijf. Tijdens het slapen of bij verdriet geeft dit de kinderen een vertrouwd en veilig gevoel.

 

6.8.spelen op het Paarse Schaap:

Om te spelen en te ontdekken heeft het Paarse Schaap veel mogelijkheden. Onze ruimten nodigen uit tot bewegen, zelf doen, kijken, luisteren en ontdekken. Wij beschikken over drie speelzalen waarin hoekjes zijn gecreëerd met een eigen functie: de verkleedhoek, poppenhoek en de bouwhoek. Het speelgoed is een mix van het “gewone”plastic speelgoed, houten speelgoed en kosteloos materiaal zoals kokers, grote dozen en plastic flessen. Veel van het speelgoed staat op kinderhoogte in open kasten. Kinderen mogen zelf kiezen waar ze mee willen spelen. Zowel binnen als buiten worden speelhoeken gecreëerd waar kinderen zelfstandig in kleine groepjes kunnen spelen.

 

 

6.9.activiteiten op het Paarse Schaap:

Veel van onze activiteiten binnen en buiten zijn gericht op het spelenderwijs ontdekken van de natuur, de peuters leren omgaan en bewust maken van het planten en dierenleven om ons heen.

Zo is er een ontdektuin. Er is op het Paarse Schaap volop de gelegenheid om buiten te spelen. Kinderen mogen altijd buiten spelen, voor de regen zijn er laarsjes en regenjassen aangeschaft. De kinderen mogen ook als ze dat willen in kleine groepjes zelfstandig buiten spelen. De buitenruimte zal uitdagend zijn, maar ook zo ingericht dat het terrein zonder problemen op eigen houtje verkent kan worden. De deur staat altijd open en er is door de ramen goed zicht op het buitenterrein zodat

we snel te hulp kunnen komen mocht dat nodig zijn.

Op het buitenterrein kunnen de kinderen heerlijk ravotten, rennen, klimmen en klauteren. Er zijn zandbakken in tractorbanden, een hut en tunnel van wilgentenen, een waterloop, stukken boomstam om op te klimmen en een klimheuvel met emmers aan katrollen.

Ook gaan we op ons eigen terrein op ontdekkingstocht met schepnetjes, fototoestel en vergrootglas. We ontdekken hoe spinnen leven, hoe kikkerdril uitgroeit tot een kikker en hoe een zaadje in de grond ontkiemt en uitgroeit tot een bonenplant.

Hoewel we voor de kinderen rode overals aangeschaft hebben is het toch slim ze zelf ook oude of speciale speelkleding aan te geven, want ze zullen regelmatig met vieze kleding thuis komen.

Er kan buiten volop geklommen en geklauterd worden, maar wel op een “veilige” hoogte. Kleine valpartijen zullen een kind misschien een buil of schram op leveren, maar zijn ook erg nuttig voor zijn of haar ontwikkeling.

De Moestuin. Op het buitenterrein ligt ook een moestuin met fruitbomen en zelf gekweekte groenten en bloemen. De kinderen zorgen samen met de leidsters in de moestuin voor de planten. Zelf helpen zaaien, planten, water geven en oogsten.

De keuken. Na het oogsten worden de appels, aardbeien, peentjes en eieren van de kippen samen met de kinderen in de keuken verwerkt tot heerlijke hapjes. Zo komen de kinderen er spelenderwijs achter dat er een heel verhaal zit achter dat appeltje in de winkel en leren ze zorgzaam om te gaan met dier en milieu.

De boerderij. Onder begeleiding van de leidsters en Boer Jan mogen de kinderen in kleine groepjes op onderzoek uit gaan op de boerderij. Zo kunnen we op zoek naar de eieren van de kippen, cavia’s en konijnen voeren en aaien. En kijken hoe een koe gemolken wordt. We lezen graag het boekje van de kleine mol voor en willen daarna ook samen met de kinderen op onderzoek uit, hoe de verschillende dieren op de boerderij poepen!

Beleef de seizoenen. Doordat we elke dag met de kinderen een poos samen met de bakfiets door de landelijke omgeving rijden ervaren de kinderen het wisselen van de seizoenen heel intens. Zo ruikt het buiten heel anders als het regent of als het gras net gemaaid is.

Ook in het atelier mogen de kinderen zelf kiezen met welke materialen ze willen werken. Het gaat daarbij om het stimuleren van de eigen creativiteit van de kinderen. Wij bieden geen kleurplaten of voorgeknipte figuren aan. Maar stimuleren kinderen om op ontdekkingstocht te gaan door verschillende materialen en technieken aan te bieden en dingen voor te doen. Ook in het atelier zijn de aanwezige materialen een kleurrijke mix van “gewoon” papier, verf en kwasten. Maar daarnaast is er ook veel kosteloos materiaal en zijn er allerlei “natuurlijke” materialen zoals kastanjes, takjes, bladeren,schapenwol en schelpen. Veelal zelf door de kinderen verzameld in de omgeving.

Er worden ieder dag activiteiten aangeboden waarbij het zelf ontdekken en experimenteren met de materialen centraal staat. De activiteiten komen soms vanuit de kinderen zelf en soms vanuit de leidster. Onze groepsleidsters stimuleren de kinderen mee te doen aan activiteiten die worden aangeboden. Maar als het kind niet mee wil doen respecteren we de mening van het kind. Kinderen kunnen zelf keuzes maken maar de leidster begeleidt het kind tot het weet wat hij/zij wil doen. Deze activiteiten worden afgestemd op de leeftijd en ontwikkeling van het kind. Wij vinden het vanzelfsprekend dat het kind dagelijks de nodige buitenvitaminen krijgt.

Voorbeelden van activiteiten:

Zaadjes zaaien in de moestuin, appelmoes of soep maken, schapen voeren, voorlezen, dansen, liedjes zingen, verkleden, poppenhoek, creatief bezig zijn met verf, eierdozen en schelpen,tekenen, verven, plakken,kleien, knippen, puzzelen, blokken bouwen, tafelspelletjes, de houten trein etc. Ook met schelpenzand of met water, bekers en lepels spelen behoort tot de mogelijkheden.

 

 

7. Praktische informatie

 

7.1. Activiteiten buiten ons terrein

Een aantal activiteiten vinden buiten ons terrein plaats. Zo gaat er drie keer per week een groepje kinderen met een leidster naar de boerderij voor een bezoekje aan de dieren daar. En er wordt af en toe naar het dorp, een park of speeltuin in de buurt gefietst. De Ouders dienen hier schriftelijk toestemming voor te geven. Bij het intakegesprek krijgen ouders een overeenkomst mee, waarop zij hun toestemming kunnen geven voor activiteiten buiten ons terrein.

 

7.2. Wisselen of extra dagen

Het is mogelijk om incidenteel van dag te ruilen binnen kinderdagverblijf het Paarse Schaap. Het ruilen van dagen is wel aan een aantal regels gebonden. Zo moet de ruiling binnen eenzelfde week plaatsvinden en kan het alleen als de groepsgrootte het toelaat. Het ruilen kan dan ook alleen in overleg met de groepsleiding en/of locatiemanager. Wij vragen ouders wel om het ruilen alleen plaats te laten vinden in uitzonderingsgevallen, zo blijft de structuur/regelmaat in de vaste dagen ook duidelijk voor het kind.

Ook kunnen kinderen een extra dag komen. Ook bij deze regeling geldt natuurlijk, mits de groepsgrootte het toelaat en in overleg met de groepsleidsters.

 

 

7.3. Vrije en gesloten dagen

Het Paarse Schaap kent een aantal sluitingsdata.

Ieder jaar worden deze dagen bekend gemaakt bij de ouders, zodat zij hier rekening mee kunnen houden.

Een aantal dagen hiervan zijn standaard en zullen jaarlijks terugkomen. Zo is de organisatie ieder jaar alle dagen tussen kerst en oud en nieuw gesloten. Ook de dag na hemelvaart zijn wij niet open. Verder plannen we ieder jaar een studiedag en sluiten we de dag voor kerst en Sinterklaas iets eerder onze deuren.

 

7.4. spullen van thuis meegeven

In verband met het vervoer van en naar het Paarse Schaap willen wij u vragen zo min mogelijk spullen van thuis in tassen mee te geven. Er zijn op het Paarse Schaap voor iedereen sloffen, laarzen en reserve kleding aanwezig. De kinderen slapen in slaapzakken van het Paarse Schaap waar de namen van de kinderen in staan, deze zijn dus persoonsgebonden. Alleen als kinderen net, of net niet zindelijk zijn is het handig als er wat extra broeken en onderbroekjes mee gegeven worden. En het is fijn als er een knuffeltje of speen mee gegeven wordt voor de kinderen die nog slapen.

 

7.5. Handig lijstje

Zoals eerder in dit werkboek is aangegeven, zijn op het Paarse Schaap luiers aanwezig en hoeven deze niet van thuis te worden meegenomen. De ouders hoeven geen boterham, fruit e.d. mee te geven.

Wat ouders wel mogen meegeven willen wij aangeven middels het volgende lijstje:

  • Speen en/of knuffeltje
  • Evt dieetvoeding ivm allergieën
  • Evt extra reservekleding bij kinderen die net(niet) zindelijk zijn
  • Foto van thuis voor op de fotowand

 

 

 

 

8. Ons ziektebeleid

 

8.1. Zieke kinderen

De beslissing of een kind al dan niet in de groep kan blijven wordt in principe genomen door de groepsleiding. Het belang van het zieke kind staat hierbij voorop. Een kind dat zich ziek voelt en niet met het normale dagprogramma kan meedoen, kan beter niet op het kinderdagverblijf blijven. Er zijn op het kindercentrum nauwelijks mogelijkheden om aan een ziek kind de noodzakelijke extra aandacht te geven. Een ziek kind voelt zich immers thuis het beste.

Ook de belasting voor de leidster kan een reden zijn om een kind te laten ophalen. Als een kind met diarree elk uur compleet verschoond moet worden inclusief bad en schone kleren geeft dit de leidster zoveel extra werk dat het normale programma van andere kinderen in het gedrang komt. Tot slot kan bij besmettelijke ziekten de bescherming van de gezondheid van groepsgenoten een reden zijn om het kind niet toe te laten. Het om deze reden weren van zieke kinderen gebeurt echter alleen bij enkele zeer ernstige infectieziekten.

Als een kind zich duidelijk niet lekker voelt en men twijfelt of het wel op de groep kan blijven, dan zal eerst een telefonisch overleg met de ouders plaatsvinden. Soms krijgen we dan van de ouders informatie die het gedrag van het kind verklaren, bijvoorbeeld dat het kind erg laat naar bed is gegaan. Als leidsters van mening zijn dat het kind opgehaald moet worden zullen er afspraken gemaakt worden over het tijdstip (op deze manier kunnen we ook een evt. aanwezig broertje/ zusje uit beeld houden).

 

Wanneer moet een ziek kind worden opgehaald?

  1. Als het kind te ziek is om aan een dagprogramma deel te nemen.
  2. Als de verzorging te intensief is voor de leidsters
  3. Als het de gezondheid van de andere kinderen in gevaar brengt.

 

8.2. Infectieziekten

Als er een infectieziekte wordt geconstateerd wordt dit altijd gemeld via het informatiebord in de hal op de Blokkendoos. Wij volgen dan de richtlijnen van de GGD. Op de groep is er een wijzer van alle infectieziekten aanwezig. Volgens deze richtlijnen zullen wij dan ook handelen. Ook werken wij samen met een bedrijfsarts, bij twijfels of aanvullende informatie kan de locatiemanager contact opnemen met de bedrijfsarts. Even ter verduidelijking, onder infectieziekten verstaan wij geen verkoudheid, maar denk aan; waterpokken, de vijfde ziekte, krentenbaard enz.

 

8.3. Allergieën

Kinderen met allergie hebben een afweersysteem dat vaak extra gevoelig is voor en heftig reageert op bepaalde stoffen. De overgevoeligheid voor

die bepaalde stoffen is een kwestie van aanleg, het is niet besmettelijk.

Een kind kan bijvoorbeeld allergisch zijn voor bloemen, planten, stuifmeel

of sommige voedingsbestanddelen. Tijdens het intakegesprek wordt er geïnformeerd naar eventuele allergieën, zodat we daar rekening mee kunnen houden. Als een kind een allergie heeft volgen wij altijd de adviezen/wensen van de ouders m.b.t. de voeding/dieet op. Er hangt dan een gedetailleerd lijstje op de groep wat het kind wel en niet mag. Als er sprake is van speciale dieetproducten vragen wij de ouders deze zelf mee te nemen. Alle leidsters worden op de hoogte gebracht van de desbetreffende allergie en hier wordt uiteraard zorgvuldig mee omgegaan.

 

 

8.4. Geneesmiddelenverstrekking:

Kinderen krijgen soms geneesmiddelen voorgeschreven die zij een aantal maal per dag moeten gebruiken, dus ook gedurende de tijd dat zij bij ons op het dagverblijf zijn. Hierbij kan worden gedacht aan bijvoorbeeld pufjes voor astma, antibiotica of zetpillen bij toevallen.

Om de gezondheid van kinderen te waarborgen is het van groot belang dat de geneesmiddelen op een juiste wijze verstrekt worden. In principe mogen er in kindercentra geen medicamenten verstrekt worden, tenzij er een medische noodzaak bestaat vanuit de gezondheidstoestand van het kind. Wij vragen ouders vooraf schriftelijk toestemming. Door het vastleggen van deze gegevens geven ouders duidelijk aan wat zij van het kindercentrum verwachten en de leiding weet op hun beurt precies wat zij moeten doen en waar zij verantwoordelijk voor zijn.

 

Geneesmiddelen worden verstrekt indien:

  • Het geneesmiddel in de originele verpakking zit en uitgeschreven staat op naam van het betreffende kind
  • Geneesmiddelen moeten eerst thuis gebruikt/uitgeprobeerd zijn
  • De uiterste gebruiksdatum niet overschreden is
  • Opvoeders de overeenkomst “gebruik geneesmiddelen” ondertekend hebben

 

8.5. Hygiëne

Jonge kinderen vormen een kwetsbare groep. Hun afweersysteem is nog volop in ontwikkeling. Een goede hygiëne binnen ons kindercentrum is dus

van belang. Door extra aandacht te besteden aan hygiëne kunnen gezondheidsrisico’s worden beperkt. Het gaat daarbij niet alleen om een schone leefomgeving en een goede persoonlijke hygiëne, maar tevens om

het voorkomen van risicovol gedrag, waardoor bacteriën zich kunnen vermenigvuldigen. Via de protocollen hygiëne en een schoonmaakplan, houden wij hier de groepsleiding alert op. Deze protocollen worden jaarlijks weer op de agenda gezet en in het voltallige team besproken.

 

 

8.6. Luizenbeleid

Als er luis wordt geconstateerd wordt dit op dezelfde manier gemeld als bij infectieziekten, dus via het informatiebord. Bij het constateren van hoofdluis door de leidsters of de ouders is dit uiteraard van groot belang om dit direct te melden. Er zal dan een brief uitgaan naar de ouders hoe te handelen bij hoofdluis en wat ons beleid hierin is. Deze brief is opgesteld volgens de richtlijnen van de GGD. Informatie hierover is ook altijd op te vragen bij de locatiemanager.

 

 

 

9. Ouderparticipatie

 

Om te zorgen voor een goede afstemming tussen thuis en het kindercentrum zijn goede oudercontacten belangrijk. Daarom zijn er een aantal vaste momenten waarop er overleg is tussen ouders en groepsleiding.

 

9.1. Oudercontacten

De ouder(s) geeft een deel van de opvoeding en verzorging van het kind uit handen. De leidster neemt een grote verantwoordelijkheid op zich door dit van de ouder(s) over te nemen. Het is dus heel belangrijk dat het kind met een goed gevoel achtergelaten wordt. Daarbij is het belangrijk dat ouders op de hoogte zijn van de dagelijkse gang van zaken en zich op die manier betrokken voelen bij ons kindercentrum.

 

Wij proberen dit op de volgende manieren te bewerkstelligen:

  • Vlak voor de plaatsing krijgen ouders een intakegesprek met de locatiemanager (zie hoofdstuk kennismakingsgesprek). Dit gebeurt bij ons vaak op de groep zelf. Daarna krijgen zij gelegenheid kennis te maken met de groepsleidsters en de leefruimte. Hier worden de contacten met de groepsleidsters gelegd en wordt er geluisterd naar de wensen van de ouder. 
  • Dagelijkse breng- en haalgesprekken. Dit zijn de gesprekken aan het begin en eind van de dag om de zorg van het kind goed over te kunnen dragen. Tijdens de dagelijkse haal en breng momenten besteden wij tijd aan een persoonlijke uitwisseling met aandacht voor bijzonderheden, zodat wij de ouders en het kind leren kennen en de ouders ons – de leidsters - leren kennen. Wij hebben de ervaring dat dit een positieve aanvulling is op de opvang van het kind, de vertrouwensband en het scheppen van een veilige basis naar het kind toe.
  • Maandelijks komt er een nieuwsbrief uit, hierin staan alle nieuwtjes en belangrijke zaken vermeld. Zijn er belangrijke zaken tussendoor, dan krijgt u een aanvullende nieuwsbrief.
  • ± 1x in de twee weken wordt er een mapje foto’s verstuurd naar de ouders via picasa, zodat ouders zelf kunnen zien wat er voor activiteiten zijn gedaan met de kinderen.
  • Een paar keer per jaar worden de ouders via de nieuwsbrief uit genodigd voor een gezellige informele koffieochtend.
  • De groepsleidsters organiseren zelf de activiteiten, zoals Sinterklaas en Kerst e.d. Alle ideeën en suggesties van ouders/verzorgers zijn van harte welkom. Uitnodigingen voor deze activiteiten worden per mail aan u verstuurd.
  • De oudercommissie organiseert samen met een paar teamleden het jaarlijkse zomerfeest
  • Er vindt jaarlijks een ouderavond plaats.
  • Tot slot zijn er 1 keer per jaar de oudergesprekken of de zogenoemde 10-minuten gesprekken. Tijdens dit gesprek wordt er ingegaan op de algemene, dagelijkse gang van zaken op de groep van uw kind. Het is van belang elkaar te informeren over de ontwikkeling van het kind. Deze gesprekken duren ongeveer 10 á 15 minuten.

 

9.2. Oudercommissie

De gezamenlijke oudercommissie van De Lier behartigt de belangen met betrekking tot de opvang van het kind/kinderen en vertegenwoordigt de ouders voor alle kinderopvang locaties van de Lange Keizer in De Lier. Ook voor de locatie het Paarse Schaap proberen we altijd tenminste 2 ouders te vinden die namens de ouders van het Paarse Schaap aan deze oudercommissie deelnemen. Bij opvang van kinderen draait het immers niet alleen om het kind maar ook om de wensen van de ouders. Een oudercommissie is er om de belangen van ouders te behartigen. De oudercommissie vertegenwoordigt de ouders naar het management toe, formuleert adviezen, signaleert knelpunten en oefent invloed uit op de beleidsuitvoering. De oudercommissie fungeert als advies- en overlegorgaan voor het team en de directie en oefent daarmee invloed uit op de beleidsvorming. De oudercommissie kan gevraagd en ongevraagd adviezen geven. De oudercommissie beschikt over een reglement dat te allen tijde op te vragen is bij een oudercommissielid.

De oudercommissie is te bereiken via het volgende e-mailadres: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. Tevens staat in de gang van kdv. De Blokkendoos een brievenbus van de oudercommissie, waar op vertrouwelijke wijze post in achter gelaten kan worden. Op het informatiebord in de hal van de Blokkendoos zijn ook de notulen van de oudercommissievergaderingen te lezen. De oudercommissie bestaat momenteel uit 6 leden, waarvan 3 ouders ook namens het Paarse Schaap aan de oudercommissie deelnemen.

 

                                                

9.3.Wensen en klachten

Soms kan er ondanks alle goede wil en inspanning iets mis gaan. Bent u over grote of kleine dingen ontevreden, laat het dan weten. Het wordt gewaardeerd als u zich rechtstreeks richt tot de leidsters of de leiding van

ons kindercentrum. In de regel worden op die manier problemen het snelst opgelost. Uiteraard kunnen ouders met een klacht ook terecht bij het management, zij zullen de klacht in behandeling nemen en samen met

de ouder op zoek gaan naar een mogelijke oplossing. Mocht de klacht van een ouder niet naar wens worden opgelost kan ook de oudercommissie ingeschakeld worden. Mocht de ouder na het bewandelen van dit bovengenoemde traject niet het gevoel hebben gekregen gehoord te zijn, dan kan de klacht worden behandeld door de Onafhankelijke Klachtencommissie. Kinderopvang De Lange Keizer heeft een officiële klachtenregeling, kijk hiervoor op de site Zuid-Hollandse centrale Klachtencommissie Kinderopvang.

 

9.4. Rechten

Kinderen hebben recht op tegemoetkoming aan lichamelijke behoeften, op geborgenheid, affectie, waardering en continuïteit en op ontwikkeling van

competenties.

Alle kinderen op het Paarse Schaap hebben recht op emotionele veiligheid, het ontwikkeling van sociale en persoonlijke competenties en op opvoeding in normen en waarden.

  • Kinderen hebben recht om zich te ontwikkelen in hun eigen tempo.
  • Kinderen hebben recht om zich op een juiste manier te kunnen ontplooien
  • Kinderen hebben het recht zich veilig en vertrouwd te voelen
  • Kinderen hebben recht op een goede verzorging
  • Kinderen hebben recht op goede en gezonde voeding
  • Kinderen hebben recht op respect van de leiding en kinderen
  • Kinderen hebben recht op een harmonische tijd op ons kinderdagverblijf
  • Kinderen hebben recht op een stimulerende omgeving.

 

Opvoeders hebben ook rechten. Zij willen hun werk zo goed mogelijk doen. Alle opvoeders hebben behoefte aan uitwisseling, veel opvoeders hebben behoefte aan ondersteuning. Kinderopvang is juist ook zo belangrijk, omdat het ouders de gelegenheid biedt om de opvoeding te delen.

 

Kinderen hebben het recht vrienden te hebben, anders worden ze niet goed groot. Kinderen hebben het recht in vrede te leven. In vrede leven betekend dat ze gezond zijn, dat we bij elkaar “wonen”, dat we leven met de dingen die we interessant vinden, dat we vrienden hebben, dat we over vliegen denken, dat we dromen.

Als een kind het niet weet heeft ze het recht om fouten te maken. Dat werkt goed, want als ze het probleem ziet en de fouten die ze heeft gemaakt, dan weet ze het wel.

(Uit De honderd talen van kinderen, onder redactie van Carolyn Edwards, Lella Gandini en George Forman)

 

 

10. Afsluiting

 

Het feit dat dit pedagogisch werkboek af is, betekent niet dat er geen veranderingen kunnen plaatsvinden in ons werken met kinderen. Wij zullen bewust blijven nadenken en eventuele veranderingen die we opmerken of aankaarten serieus nemen en met z’n allen bekijken wat we ervan vinden en wat we ermee willen doen. Als dit invloed heeft op onze visie gaan we het pedagogisch werkboek opnieuw bekijken en eventuele veranderingen in het werkboek invoeren. Zo blijven we bezig met het vormen van een zo goed mogelijke visie/situatie waar de kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen en zichzelf kunnen zijn.

 

Auteurs:

Irma Keizer (directrice Kinderopvang De Lange Keizer)

Nuria Badell (pedagoge)

Ilona Zeestraten (locatiemanager Jan en Alleman)

Dianne Brakel (locatiemanager het Paarse Schaap)

 

Geraadpleegde literatuur:

  • De honderd talen van kinderen (Carolyn Edwards, Lella Gandini, George Forman)
  • Pedagogisch werkboek Stichting Kinderopvang De Lier

 

 

 
Adres

Bleijenburg 1A

2678 BA De Lier

0174-510631

delier@delangekeizer.nl