Jan Loris en Marie

 

Raam 20a
2611 LT Delft
tel: 015-2120045

 

 

 

 

Marie in de Bocht

Maria Duystlaan 2
2612 SR Delft
tel: 06-36069636

De Musketier

Nassaulaan 2b
2628GE Delft
tel: 015-3642854

 

De Waterspiegel

Groentelaan 29
2292AD Wateringen
tel: 06-13605871

 

Pedagogisch werkboek Musketier

PEDAGOGISCH WERKBOEK NSO DE MUSKETIER

MEI 2011

 

 

 

 

Door: Tosca van der Knaap, locatiemanager
Pedagogisch werkboek,

 

Naam Locatie: De Musketier

Adres: Nassaulaan 2b

Postcode: 2628 GH 

Plaats: Delft

Telefoon locatie: 015-3642854

Teamleden: Tosca van der Knaap, Linda Klootwijk, Guus Welle Donker, Marvis Isenia, Karin jansen, Cynthia Weidema, Remco Benjert, Peter Rump, Marieke van Amelsvoort, Lilly Bundalo

Delft de datum: mei 2011

Locatie manager: Tosca van der Knaap

 

 

1.Specifieke pedagogische uitgangspunten van deze locatie;

-         Wij laten ons inspireren door de Visie van Jenaplan. Een heel groot deel van de kinderen zitten op Jenaplan school de Oostpoort, en wij vinden het belangrijk om deze manier van werken en omgaan met kinderen ook in de vrije tijd gestalte te geven. Naast de Jenaplan visie wordt er gewerkt vanuit de ideeën vanuit het Italiaanse Reggio Emilia.

 

Kinderen zijn sociale wezens, wij stimuleren ze zich met zichzelf en

met anderen bezig te houden in hun vrije tijd;

 

-         De kinderen worden op de Musketier in vaste, verticale groepen ontvangen bij aankomst. Elke school heeft een vaste ruimte en tafel. Dit wordt gedaan om de binnenkomst rustig te laten verlopen omdat kinderen op verschillende tijdstippen binnen komen. We halen kinderen op van acht verschillende locaties. Deze werkwijze geeft rust en duidelijkheid voor de kinderen is uit de praktijk gebleken. De kinderen van de Oostpoortschool worden ontvangen in de achterste groepsruimte, de kleine kinderen nemen plaats in de “kleine kindgroep”, de groteren nemen plaats aan de twee grote tafels. De kinderen van de wijk Emerald uit Delfgauw, de C. Musiusschool, de Prins Mauritsschool worden in de eerste groepsruimte ontvangen en in het atelier als er veel kinderen zijn.

Na de ontvangt en het eten kunnen de kinderen activiteitgericht kiezen en gaat de plaatsing als volgt:

-         We hebben1 verticale groep van 4 tot 6 jaar (de kleine kindclub genaamd) en een tweetal 6 plus groepen (dus vanaf 6 jaar).

De allerjongsten, vier- en vijfjarigen worden opgevangen in de “kleine kindclub”, deze groep bevat maximaal 15 kinderen, als er meer dan 15 kinderen in deze leeftijd zijn kijken we of er kinderen zijn die om te wennen alvast mee willen doen aan een activiteit voor grotere kinderen, ook kan het zijn dat er vier- of vijfjarigen zijn die sowieso meer uitdaging nodig hebben. Ze hebben in de kleine kindclub een eigen plek in de ruimte, met eigen spulletjes en vooral ook eigen vaste leid(st)ers waar ze veilig kunnen spelen. Maar we kijken dus ook of kinderen hier nog genoeg uitdaging vinden, kinderen die dat zelf aangeven mogen meedoen met de ouderen kinderen. We hanteren de leeftijd niet strikt maar kijken vooral naar de ontwikkeling van het kind en waar zijn behoeftes liggen. Zij mogen dan gewoon meedoen met de oudere kinderen b.v. in het atelier, samen buiten spelen, koken/bakken, spelletjes in de gymzaal of een georganiseerde activiteit. Ze zijn op school ook gewend om met verschillende leeftijdsgroepen samen te werken en het is een betere afspiegeling van de samenleving en gezinssituatie. Bovendien hoeven ze niet verplicht gescheiden te worden van een oudere vriendje of zusjes/broertjes.

Als kinderen bijna 6 jaar zijn laten we ze wennen bij de 6 plus groepen, zodat de overgang geleidelijk verloopt. Als de groep vier tot zes jarigen groot is kan er ook naar de speelzaal gegaan worden met een deel, deze plek is speciaal bestemd voor deze leeftijd. Voor de zeven plus wordt er naar behoefte een speciale activiteit in de gymzaal of de aula georganiseerd.

 

-         We plaatsen de kinderen in verticale groepen, zodat ze elkaar kunnen helpen, stimuleren en ondersteunen:

 

* Door het werken met verticale groepen zijn alle kinderen een keer

   de jongste en een keer de oudste.

* Leren kinderen spelenderwijs begrip te hebben voor elkaar.

* Leren kinderen spelenderwijs van elkaar.

 

-         De leid(st)er stimuleert:

Iedere leid(st)er is mentor van een aantal kinderen op de Musketier.

In een eigen map houdt de leid(st)er de belangrijke gegevens en de ontwikkeling van de mentorkinderen bij, zodat ieder kind met aandacht bekeken en gevolgd wordt. Ouders kunnen zo ook goed op de hoogte gehouden worden indien zij hier behoefte aan hebben. Het betekent niet dat het kind de hele tijd bij deze leid(st)er moet blijven. Het mag de activiteit doen die hij wil. Dat kan dus in een andere ruimte met een andere leid(st)er zijn. Als er bijzonderheden zijn en een andere begeleider neemt dit waar dan rapport deze dit bij de mentor van het kind.

  1. De leid(st)er nodigt kinderen uit en stimuleert hen om deel te nemen aan activiteiten.
  2. De leid(st)er stelt activiteiten voor en verzint samen met de kinderen, helpt kinderen keuzes maken, stelt evt. alternatieven voor.
  3. De leid(st)er zorgt voor een gezellige huiselijke omgeving, waarin kinderen vanuit een sfeer van veiligheid en vertrouwen zich prettig voelen.

 

-         Werken met thema’s en projecten:

  •  
    • Thema’s en projecten worden op creatieve wijze uitgediept
    • Kinderen mogen zelf kiezen aan welke activiteit zij deel willen nemen, met de leid(st)er wordt bekeken of de keuze mogelijk is i.v.m. aantal, leeftijd enz.
    • Om te kiezen moet er wel een keuze aanbod zijn, vrij spelen behoort ook tot het keuzeaanbod.
    • Alle activiteiten vinden plaats in het kader van de vrije tijd, kinderen nemen dus vrijwillig deel, worden nooit gedwongen, wel gestimuleerd.
    • De omgeving is zo ingericht zodat kinderen zich terug kunnen trekken.
    • De omgeving is zo ingericht dat kinderen zelfstandig spullen te kunnen pakken.

 

Als het kan, dat wil zeggen als er niet teveel kinderen zijn in de naschoolse opvang, vinden wij het leuk als kinderen zo nu en dan een vriendje of vriendinnetje meebrengen. Kunnen zij ook eens zien en beleven hoe het is bij De Musketier. Graag willen we dat de visite om 17:00 uur wordt opgehaald

 

 

 

2.Algemene pedagogische uitgangspunten zijn;

-          Wederzijds respect voor elkaar

-          Onvoorwaardelijke acceptatie van elk kind

-          Stimuleren van alle ontwikkelingsgebieden

-          Ruimte voor individuele ontwikkeling

-          Voldoende bewegingsvrijheid, binnen en buiten

-          Geen verbaal en /of fysiek geweld

 

Deze uitgangspunten dienen als keurmerk voor de instelling.

 

 

ALGEMEEN:

 

Voeding

Vraag 1

Wordt er op de naschoolse opvang eten of drinken verstrekt?

Omschrijf de eetgewoonten;

 

We bieden de kinderen gezonde voeding aan en variëren daar regelmatig in om zo voor de afwisseling te zorgen.

We hebben elke dag veel fruit.

We hebben regelmatig:

Voeding: Groente (tomaat/komkommer e.d.), biscuitjes, ontbijtkoek, eierkoekjes, rijstwafels, soep, blokjes kaas, knakworstjes, Yoghurt enz.

Drinken: thee, melk, aanmaaklimonade zonder toevoegingen, chocolademelk.

De producten zijn zoveel mogelijk biologisch verantwoord.

 

We bakken en koken ook heel regelmatig op De Musketier. Aan het eind van de dag wordt dit opgegeten. Als ouders liever niet willen dat hun kind dan nog iets eet rond die tijd omdat het hun eetlust bij het avondeten bederft, kunnen zij dit aangeven. We geven het dan mee naar huis.

 

In de vakanties en voor de kinderen die op woensdag en vrijdag alleen ’s ochtends school hebben, serveren we ook een brood maaltijd.

Beleg:zowel zoet als hartig (ook gevarieerd), we hebben bruin brood en soms crackers..

 

De kinderen mogen tijdens de broodmaaltijd zelf bepalen wat en hoeveel ze willen eten (maar wel max. 4 boterhammen) tenzij ouders bepaalde richtlijnen aangeven. Er wordt wel gelet op dat de kinderen geen grote hoeveelheden beleg ergens opdoen of grote hoeveelheden crackers (meer dan 2) eten.

 

Er staat 's middag altijd een kan limonade op tafel zodat de kinderen zelf drinken kunnen pakken als zij dat willen.

 

Het gaat ’s middags voornamelijk om een gezellig moment na school samen te hebben, niet om een vierde maaltijd te nuttigen.

 

Als kinderen rond 17.00 nog trek hebben snijden we nog een appeltje of het hapje wat gemaakt is die dag.

 

Ziekte

Bij ziekte de richtlijnen van de G.G.D. gehanteerd.

Vraag 2

  1. A.          Hoe handelen de leid(st)ers als een kind ziek wordt bij de naschoolse opvang?

 

De leid(st)er gaat bij het kind na wat de klachten zijn en stelt het gerust. Overlegt de bevindingen met de locatiemanager. De ouders worden gebeld door de locatiemanager of de leid(st)er en deze overlegt met de ouders de situatie van het kind en of het opgehaald moet worden. Voor het kind wordt een rustig plekje gemaakt waar het samen met een leid(st)er wacht totdat de ouder/verzorger komt.

 

  1. B.           Hoe handelen de leid(st)ers als een kind een ongeluk(je) krijgt op het kinderdagverblijf? (gaat om het gedrag van leid(st)ers niet om het feit dat ze kind in bed leggen maar wat doen ze wezenlijk)

 

             De leid(st)er vraagt bij het kind na wat er gebeurd is en wat de

             eventuele klachten zijn en stelt het gerust. Ze behandelt eenvoudig

             letsel. Als ze geen EHBO diploma heeft haalt zij een leid(st)er die dit

   wel heeft. De locatiemanager wordt op de hoogte gesteld. Afhankelijk

   van het soort ongeluk en letsel worden ouders telefonisch op de

   hoogte gesteld.

 

  1. C.           Worden ouders op de hoogte gesteld van geconstateerde besmettelijke ziektes bij andere kinderen? Hoe gebeurt dit?

 

         Ja, d.m.v. een briefje op de deur en/of bord en middels de nieuwsbrief.

 

 

Hygiëne

Vraag 3

  1. A.   Welke regels zijn er voor de kinderen met betrekking tot de hygiëne?

 

Ze wassen hun handen voor en na het eten.

Ze wassen hun handen voordat ze aan een kook/bak activiteit beginnen.

Ze wassen hun handen met water en zeep na de toiletgang.

Ze wassen hun handen met water en zeep als ze in de zandbak hebben gespeeld.

Er wordt minstens een maal per dag een schone handdoek opgehangen.

Op de toiletten en in de keuken hangen papieren handdoekjes.

Ze niezen en snuiten met een stuk keukenpapier of tissue en moeten hun hand voor hun mond houden en gezicht afwenden.

Per potje smeerbeleg is er 1 mes. De kinderen mogen hun mes niet aflikken.

 

  1. B.   Worden kinderen op hoofdluis gecontroleerd en wat zijn de

     afspraken wanneer er hoofdluis bij een kind geconstateerd

 wordt?

 

Kinderen worden op school heel regelmatig op luis gecontroleerd en niet standaard op de NSO.

Als een kind jeuk op het hoofd aangeeft wordt het wel nagekeken.

Als het inderdaad luis heeft wordt dit gemeld bij de ouders. Deze dienen het kind op te halen en te behandelen.

Kinderen doen hun jassen en spullen in de luizencape, deze worden gratis door ons verstrekt.

 

Wennen

Vraag 4

  1. A.   Wat is de wenprocedure?

 

Een maand voor de startdatum maakt de locatiemanager een afspraak met de ouders voor een intakegesprek. De bedoeling is dat het kind juist dan al mee komt zodat meteen gekeken kan worden hoe het reageert. Aan de hand daarvan worden er met de ouders afspraken gemaakt wanneer, hoe vaak en hoe lang een kind komt wennen. Er wordt gekeken naar hoe het kind zich gedraagt en voelt in de groep. Als het meer tijd nodig heeft mag het vaker komen wennen. De wenprocedure kan dus per kind verschillen.

 

  1. B.   Welke afspraken worden er gemaakt?

 

Onze pedagogische visie, het activiteiten gericht werken, de omgang met kinderen wordt uitgelegd. De wendagen worden afgesproken. De ruimtes worden bekeken. Eventuele bijzonderheden over de kinderen worden besproken. Er wordt uitleg gegeven over hoe we de kinderen ophalen van school en hoe gemiddeld gezien een dag verloopt en hoe en waar de opvang in de vakantie en op studiedagen plaatsvindt. Ouders krijgen een informatiebrief mee en, voor zover ze dat nog niet weten, wordt hun de website vermeld waar alle informatie op staat.

 

  1. C.   Wie houdt het intake gesprek?

De locatiemanager of de adjunct.

 

 Rechten en plichten

Vraag 5

  1. A.   Welke rechten hebben de kinderen binnen de (naschoolse) opvang?

 

Ze mogen kiezen wat ze willen doen in hun vrije tijd.

Ze hebben inspraak op de activiteiten die we organiseren.

Ze hebben inspraak op het aanschaffen van b.v. speelgoed/materialen.

Ze denken mee over de omgangregels met elkaar zoals bv opruimen of hoe om te gaan met bepaalde ruimtes.       

 

  1. B.   Welke plichten hebben kinderen binnen de (naschoolse) opvang?

 

Ze helpen met opruimen en zorgzaam te zijn voor de omgeving.

Ze mogen elkaar geen pijn en/of pesten en hebben respect voor de omgeving.

Ze mogen niet zelfstandig het terrein verlaten als ouders daarvoor geen schriftelijke toestemming hebben gegeven.

Ze melden zich af bij de leiding als ze naar huis gaan.

Zich houden aan de huisregels.

 

 Samenwerking in het belang van het kind of de kinderen

Vraag 6

  1. A.   Op welke wijze wordt er samengewerkt met ouders?

 

De Musketier heeft een oudercommissie.. Ongeveer vier keer jaar, kan ook meer of minder dat is afhankelijk van de behoefte en welke dingen er spelen, is er een vergadering waar de onderwerpen zoals pedagogisch beleid, activiteiten, veiligheid, inspraak, ouderparticipatie aan bod komen.

Ouders worden ook (schriftelijk) gevraagd en gestimuleerd om een activiteit op de De Musketier te komen doen in het kader van de ouderparticipatie. Dat vinden we heel belangrijk. Zij mogen dan zelf aangeven wat ze leuk vinden om te doen b.v. een dansles of tekenles komen geven, voorlezen, mee naar een uitstapje, iets bakken of koken met de kinderen enz.. In ruil daarvoor krijgen zijn een gratis dagdeel opvang aangeboden.

De ouders worden zoveel mogelijk geïnformeerd over nieuwe ontwikkelingen en de activiteiten die met de kinderen gedaan worden middels de nieuwsbrief die eens per maand verschijnt en via de mail.

Door middel van foto's en verhaaltjes willen we laten zien wat we allemaal doen.

 

  1. B.   Werkt (de naschoolse) opvang samen met andere instanties, zo ja met welk doel?

 

Ja, met een diverse instanties: oa. Brede school gemeente Delft, De C. Musiusschool waar de opvang aan vast ligt, diverse kunstenaars enz. Kijk voor het overzicht op de website bij 'links'. Door de samenwerkingsverbanden is het mogelijk leuke activiteiten en workshops te organiseren voor de kinderen. Zo hebben de kinderen een leuke tijd en betrek je ook meteen de omgeving

 

 

 

Lichamelijkheid en seksualiteit

Vraag 7

  1. A.   Wordt er bij de (naschoolse) opvang uitleg gegeven over sekseverschillen?

 

Ja, als dat aan de orde komt of bij de kinderen leeft, wordt daar uitleg op gegeven op hun niveau.

 

B. Mogen de kinderen kledingstukken uittrekken?

  

   Ja, maar niet helemaal bloot.

 

         C. Mogen de kinderen doktertje spelen?

          

           Ja, tenzij het als vervelend ervaren wordt.

 

D. Wordt er geknuffeld met de kinderen?

           

             Ja, wanneer het van de kinderen uitgaat.

 

E. Wordt knuffelen tussen de kinderen gestimuleerd?

          

             Als een kind het niet wil, wordt het afgeremd. Het

             wordt niet direct gestimuleerd. Kinderen mogen elkaar troosten als dat

             nodig is.

 

Zindelijkheid ( indien van toepassing)

Vraag 8

A. Hoe vaak worden kinderen verschoond? NVT

 

B. Hoe wordt er met de zindelijkheidstraining omgegaan? NVT

 

         C. Hoe wordt er op ongelukjes gereageerd?

            

           Het kind krijgt schone kleding wordt zo nodig geholpen bij de

           verschoning. We laten het kind merken dat het niet erg is en dat het kan

           gebeuren. We geven het door aan ouders.

 

       D. Gaan kinderen gezamenlijk naar het toilet?

 

Ze gaan zelfstandig naar het toilet wanneer ze voelen dat ze moeten. Ze mogen niet samen met een ander kind in de wc.

 

 

E. Mogen kinderen zelfstandig het toilet bezoeken?

 

   Ja, kleine kinderen mogen het opstapje krukje gebruiken om goed te

gaan zitten.

 

Straffen en belonen

Vraag 9

Wordt er op de naschoolse opvang gestraft en of beloond en op welke wijze gebeurt dit dan eventueel?

 

Er wordt zoveel mogelijk geprobeerd om een probleem vanuit een positieve sfeer met de kinderen te bespreken. Ieder moet zijn mening kunnen geven en we moeten ook luisteren naar elkaar.

Er wordt niet geschreeuwd tegen de kinderen of veroordelend gepraat.

Als kinderen iets bv goed op hebben geruimd, leuke ideeën hebben aangedragen wordt dit positief beloond met woorden of een leuke activiteit. Nooit met snoep of etenswaren!

Het gebeurt wel eens dat als bv een kind niet goed heeft opgeruimd, hij een sanctie krijgt bv dat hij/zij niet op de computer mag voordat het opgeruimd is.

Als een kind een ander pijn heeft gedaan wordt dit uitgepraat. Een kind is niet verplicht het woord sorry te zeggen als het niet uit zijn hart komt. Maar moet wel blijk geven dat hij snapt dat het niet goed is wat hij heeft gedaan. Dat kan ook d.m.v een hand geven. We willen wel dat de kinderen elkaar daarbij aankijken. Als de onenigheid op dat moment niet opgelost kan worden dan geven we aan dat ze elkaar beter even niet meer op kunnen zoeken en ieder een andere activiteit kan gaan doen.

 

Als de kinderen worden opgehaald wordt het wel overgedragen aan de ouders zodat zij op de hoogte zijn wat er gebeurd is en hoe daar mee op is gegaan.

 

Regels met betrekking tot mijn en dijn

Vraag 10

       A. Mogen kinderen spullen van thuis meebrengen naar de

         (naschoolse)opvang.

 

         Het mag wel maar heeft niet de voorkeur omdat ze ook veel van school

         meekrijgen. Ze zijn zelf verantwoordelijk als het kwijt raakt. We

         stimuleren ze om het in hun tas of luizencape te doen als ze er niet mee

         spelen.

 

  1. B.   Mogen kinderen spullen van de ( naschoolse) opvang mee naar huis nemen en met welk doel mag dit?

 

           De kinderen maken zelf veel dingen zoals knutsel/kunstwerkjes en

           dingen die ze gebakken hebben. Die mogen ze altijd mee naar

          huis nemen. Spullen die van de opvang zijn worden in principe niet

           meegenomen tenzij iets anders is afgesproken.

 

Komen en gaan

Vraag 11

A. Hoe worden kinderen ontvangen?

 

De grootste groep kinderen wordt van de Oostpoortschool gehaald van twee locaties, Oosteinde en Nieuwelaan. Daar worden de onderbouw kinderen door een leid(st)er uit de klas opgehaald. De andere kinderen komen zelfstandig naar het verzamelpunt. Kinderen die schriftelijk toestemming hebben om zelfstandig naar de opvang te gaan moeten zich eerst melden bij de leiding alvorens ze gaan. Meestal zijn er een of twee bakfietsen beschikbaar. Daar kunnen 8 kleuters per bakfiets in. Er mogen twee kinderen meefietsen met de bakfiets. Als er leiding meefietst mogen er meer kinderen meefietsen. Daarvoor is toestemming door de ouders verleend. De rest van de kinderen loopt mee naar de opvang (ook als zij een fiets bij zich hebben).Iedereen wordt hartelijk gegroet. De kinderen mogen vertellen over wat ze willen. We lopen gezellig kletsend naar de NSO toe, nemen onderweg takjes en kastanjes mee en bekijken de boten en de eendjes. Kinderen van de DSV met een bakfiets daar naar toe gebracht. Bij de kinderen van de drie scholen uit de wijk Emerald in Delfgauw gaat een leid(st)er mee. Zij haalt de kinderen op en brengt ze naar de bakfiets. De kinderen van de C. Musiusschool en de P. Mauritsschool worden lopend opgehaald door de leiding van de Musketier.

Op de NSO hangen de kinderen hun spullen op. Hun naam wordt op het white board geschreven zodat we weten dat ze aanwezig zijn. De kinderen worden op de NSO uitgenodigd aan tafel te komen om wat te drinken en te eten en te praten De kinderen worden in vaste ruimtes ontvangen. Oudere kinderen die klaar zijn en toestemming van hun ouders hebben om zelfstandig buiten op het plein spelen, mogen daar al naar toe als ze willen. Er blijft de hele middag wel een kan limonade op tafel staan zodat de kinderen drinken kunnen nemen als ze dat willen.

 

B. Hoe wordt er aan het einde van de middag afscheid genomen?

 

Er wordt altijd gedag gezegd en nog even een praatje gehouden met ouders indien gewenst. We vragen ook van kinderen en ouders om te melden als ze weggaan zodat we het overzicht goed blijven houden wie er nog wel en niet meer is. De namen worden van het white board gewist als de kinderen weg gaan. Dit mag het kind zelf doen.

 

  1. C.   Hoe wordt er van de naschoolse opvang afscheid genomen, wanneer het kind niet meer naar de opvang zal komen?

        

Het kind mag, als hij dit graag wil uitdelen maar dat laten we aan het kind en de ouders over. Het krijgt een klein cadeautje.

 

 

WEDERZIJDS RESPECT VOOR ELKAAR:

 

Vraag 12

  1. A.   Vertel iets over de eetgewoonten.

 

De kinderen worden bij aankomst uitgenodigd aan tafel te komen om wat te drinken en te eten en te praten. Eten en drinkend gebeurt zittend aan tafel. Dit is beter voor je lijf en de rust en het is hygiënischer. Kinderen die een speciaal dieet hebben krijgen aangepaste voeding. Dit wordt door ons aangeschaft tenzij het heel specifiek is, dan vragen we ouders het mee te brengen. Kinderen die schriftelijk toestemming hebben van hun ouders kunnen na het eten en drinken al zelfstandig op het plein spelen. Er blijft de hele middag wel een kan limonade en water op tafel staan zodat de kinderen drinken kunnen nemen als ze dat willen. Kinderen kunnen ook altijd een kopje thee krijgen. De leiding schenkt dit in.

 

Zie ook verder bij voeding

 

 

  1. B.   Is er een diversiteit aan spelmaterialen en boekjes?

        

         Ja, dit wordt ook regelmatig in overleg met de kinderen aangepast en

         vernieuwd.

 

  1. C.   Welke feesten worden er op de naschoolse opvang gevierd?

 

Sinterklaas, kerst, seizoensfeest.

Aan de meeste reguliere feesten wordt eigenlijk wel enige aandacht gegeven maar doorgaans op een rustige en bescheiden manier. De kinderen hebben ook op school en vrije tijd met veel feest elementen te maken zoals bv sinterklaas, dat we dan juist voor kiezen om geen sinterklaas te laten komen maar dit op een andere manier met de kinderen in te vullen. Soms wordt het iets te veel. Er wordt gekeken waar de kinderen behoefte aan hebben en wat er leeft bij ze.

 

  1. D.   Hoe wordt er met onderlinge verschillen omgegaan?

        

       Er wordt zoveel mogelijk benadrukt dat we misschien wel verschillen maar

       dat je respect voor elkaar moet hebben. Iedereen heeft bijzondere kanten.

 

 

Vraag 13

Hoe wordt er binnen de opvang omgegaan met conflicten tussen

  1. A.   Kinderen onderling

.

         Er is weinig ruzie. Een eventueel conflict wordt uitgepraat. Eerst laten we

         het de kinderen zelf proberen op te lossen, lukt dit niet dan bemiddelt de

         leiding.

 

  1. B.   Kinderen en leid(st)ers

 

         Conflict tussen leid(st)er en kind wordt uitgepraat. De leid(st)er

         heeft daarbij een positieve houding. Als het niet lukt bemiddelt de

         locatiemanager.

 

        

 

 ACCEPTATIE VAN ELK KIND:

Vraag 14

Op welke wijze wordt er getracht recht te doen aan de eigenheid en eigen mogelijkheden van het kind?

 

Wat ze zelfstandig kunnen mogen ze zelfstandig. Daarvoor is schriftelijke toestemming gevraagd aan ouders. Als wij zelf zien dat een kind ergens aan toe is dan nemen zelf ook het initiatief naar ouders toe hierin om toestemming te vragen. We gaan uit van de ideeën van kinderen en proberen daar op in te spelen. Zelf dragen we ook ideeën aan omdat kinderen ook niet weten wat er allemaal kan en bestaat. We proberen ieder kind te accepteren zoals het is en willen dat ook aan de andere kinderen meegeven.

 

Zelfstandigheid

Vraag 15

 

A. Wat moeten kinderen zelf kunnen

 

Dat is een beetje leeftijdsafhankelijk.

 

-         zelf brood smeren en drinken inschenken

-         zelf aan- en uitkleden

-         zelf opruimen

-         zelf materialen pakken die ze nodig denken te hebben voor een activiteit. De echt gevaarlijke apparaten en materialen gaan onder begeleiding.

-         Grotere kinderen mogen met toestemming van ouders zelf een boodschap doen bij de supermarkt.

-         Grotere kinderen mogen met ouderlijke toestemming zelfstandig spelen op het plein.

-         Grotere kinderen mogen met toestemming mee fietsen naar de locatie met de bakfiets.

-         Grotere kinderen mogen met toestemming zelfstandig naar huis gaan.

 

 

B. Hoe wordt de zelfstandigheid gestimuleerd?

 

Wanneer kinderen iets vragen om bv iets voor ze te pakken, wijzen we ze er op dat ze dat zelf mogen en als ze er niet bij kunnen, kunnen ze een stoeltje pakken of het aan een groter kind vragen. Op deze manier stimuleren we ook dat de oudere/grotere kinderen de jongeren helpen.

 

 

Individualiteit

Vraag 16

A. Hoe gaan de leid(st)ers ermee om als een kind niet wil deelnemen aan een gezamenlijke activiteit?

 

Een kind is niet verplicht deel te nemen. De leid(st)er vraagt wel waarom het kind niet wil en ze biedt alternatieven aan.

 

B. Hoe weten we of een kind zich prettig voelt?

 

Door het kind te oberveren en door met ze te praten. Bijzonderheden worden in de mentormap en/of overdracht agenda geschreven en doorgegeven aan ouders.

 

  1. C.   Mag een kind alleen zijn, met rust worden gelaten?

 

Ja

 

  1. D.   Mag het kind zijn/haar eigen gang gaan?

 

         Ja, maar anderen moeten er geen last van ondervinden.

 

Eigenheid

Vraag 17

 

 A. Wat gebeurt er als een kind iets niet lust?

 

Het wordt aangeboden om te proberen. Wil het kind het niet dan hoeft het niet en we bieden een vergelijkbare vervanging aan.

 

B. Wat gebeurt er als het kind iets anders wil dan de andere kinderen?

 

Dan mag het iets anders gaan doen. Het kind mag op zijn beurt niet de andere kinderen proberen te dwingen te doen wat hij wil doen.

 

STIMULEREN VAN ALLE ONTWIKKELINGSGEBIEDEN:

Wij maken onderscheid tussen de groep en het individuele kind.

 

 

Lichamelijke ontwikkeling, belicht zowel de grove als de fijne motoriek.

Vraag 18

A. Op welke wijze wordt binnen de naschoolse opvang de lichamelijke ontwikkeling gestimuleerd?

Grove motoriek

     Sport en dans spelletjes buiten, de grote gymzaal, de speelzaal (kleine

     gymzaal en de aula. Ook zagen en timmeren horen tot de grove motoriek.

     Fijne motoriek

     Knutselen met allerlei materiaal, tekenen, woordspelletjes op schrijven,

     puzzels, breien, naaien, snijden bij het bakken en koken enz enz.

 

 

B. Welke activiteiten worden aangeboden, moeten de kinderen meedoen?

Moeten de kinderen afmaken waar ze mee begonnen zijn?

Wat betreft de motoriek kunnen ze elke dag buiten spelen, voetballen, bouwen met kapla of lego enz. Kinderen kunnen kiezen waar ze aan mee doen maar moeten niet. Ze hoeven niet af te maken waar ze mee bezig zijn. Soms is het een project waar ze mee verder willen. Maar ze moeten wel hun spullen opruimen!

Er worden door het jaar heen diverse activiteiten aangeboden zoals;

sport, dans, naaien, knutselen enz. Dat kan door onze eigen medewerkers worden verzorgd of door mensen van buitenaf.

Bij een speciaal georganiseerde activiteit waar b.v. een externe begeleider voor is aangetrokken of een langdurige project door 1 van onze medewerkers, is het wel de bedoeling dat kinderen mee blijven doen tot het eind en dingen afmaken. Dit wordt ook uitgelegd van te voren.

 

C Welke materialen zijn op het (naschoolse)opvang aanwezig?

 

Sport spullen, bal, springtouw, badminton, fietsjes, steppen, hoepels ed.

Timmer en zaagmaterialen

 

 

Puzzels, kapla, bouwmaterialen

 

 

D. Hoe wordt een achterstand ten opzichte van leeftijdsgenoten geconstateerd en hoe wordt hier mee omgegaan?

Een eventuele achterstand (maar ook voorsprong) wordt geconstateerd door het kind te observeren in zijn gedrag, spel, omgang met anderen enz. In dat geval zal met het team en ouders besproken worden wat we het kind kunnen aanbieden en hoe we daarmee omgaan. Bijzonderheden worden zo nodig in de mentormap opgeschreven.

 

Sociaal emotionele ontwikkeling

Vraag 19

A. Op welke wijze wordt binnen de naschoolse opvang de sociaal emotionele ontwikkeling gestimuleerd?

         De kinderen veel samen laten spelen en conflicten zelf op laten lossen.

         Ze stimuleren elkaar te helpen.

         Omgaan met winnen en verliezen met spelletjes spelen.       

 

B. Welke activiteiten worden aangeboden, moeten de kinderen meedoen?

Moeten de kinderen afmaken waar ze mee begonnen zijn?

Toneel, gezelschapspelletjes, verkleden, schminken enz.

Ze hoeven niet af te maken waar ze mee bezig zijn. Soms is het een project waar ze mee verder willen. Maar ze moeten wel hun spullen opruimen.

Bij een speciaal georganiseerde activiteit waar b.v. een externe begeleider voor is aangetrokken of een langdurige project door 1 van onze medewerkers zoals het maken van een toneelstuk, is het wel de bedoeling dat kinderen mee blijven doen tot het eind en dingen afmaken. Dit wordt ook uitgelegd van te voren.

 

  1. D.   Welke materialen zijn op de (naschoolse)opvang aanwezig?

Verkleedkleding, fantasie spelletjes, kleden, poppen, autohoek, garages,    kussens, matrasjes, muziek, boeken, strips

 

Verstandelijke ontwikkeling

Vraag 20

  1. A.   Op welke wijze wordt binnen de (naschoolse) opvang de verstandelijke ontwikkeling gestimuleerd?

Door ze uit te dagen en te prikkelen.

 

  1. B.   Welke activiteiten worden aangeboden, moeten de kinderen meedoen?

Moeten de kinderen afmaken waar ze mee begonnen zijn?

Speurtochten verzinnen en uitzetten, taal spelletjes, computerspelletjes,

             leesmateriaal, ontdek materialen enz.

             Ze hoeven niet af te maken waar ze mee bezig zijn. Soms is het een

              project waar ze mee verder willen. Maar ze moeten wel hun spullen

             opruimen.      

 

         C.Welke materialen zijn aanwezig?

           Gezelschapspelletjes, puzzels, computerspelletjes, ontdekspellen enz.

 

 

D. Hoe wordt een achterstand ten opzichte van leeftijdsgenoten geconstateerd en hoe wordt hier mee omgegaan?

 

Een eventuele achterstand (maar ook voorsprong) wordt geconstateerd door het kind te observeren in zijn gedrag, spel, omgang met anderen enz. In dat geval zal met het team en ouders besproken worden wat we het kind kunnen aanbieden en hoe we daarmee omgaan.

 

Taalontwikkeling

Vraag 21

  1. A.   Op welke wijze wordt binnen de (naschoolse) opvang de taalontwikkeling gestimuleerd?

Door te praten met en te luisteren naar de kinderen. Lezen met de kinderen, verhalen verzinnen en vertellen, muziek beluisteren. Eigenlijk bij alle activiteiten die je doet met kinderen ben je met taal bezig omdat in interactie met elkaar bent.

 

B. Welke activiteiten worden aangeboden en moeten kinderen meedoen? Moeten de kinderen afmaken waar ze mee begonnen zijn?

         Lezen, verhalen verzinnen en vertellen, woord- en schrijfspelletjes.

         Ze hoeven niet af te maken waar ze mee bezig zijn. Soms is het een

       project waar ze mee verder willen. Maar ze moeten wel hun spullen

opruimen. Bij grotere, speciaal georganiseerde projecten is het wel de bedoeling dat kinderen mee blijven doen en afmaken. Dit wordt van te voren uitgelegd.

      

  1. B.   Welke materialen zijn aanwezig?

Teken- schrijfmaterialen, computer, boeken, tijdschriften, muziek 

 

 

D. Hoe wordt een achterstand ten opzichte van leeftijdsgenoten geconstateerd en hoe wordt hier mee omgegaan?

Een eventuele achterstand (maar ook voorsprong) wordt geconstateerd door het kind te observeren in zijn gedrag, spel, omgang met anderen enz. In dat geval zal met het team en ouders besproken worden wat we het kind kunnen aanbieden en hoe we daarmee omgaan.

 

E. Wordt er met een taalprogramma gewerkt?

Nee

 

Creatieve ontwikkeling

Vraag 22

  1. A.   Op welke wijze wordt binnen de (naschoolse) opvang de creatieve ontwikkeling gestimuleerd?

Door het aanbieden van creatieve activiteiten aan te beiden en kinderen te stimuleren hun fantasie de vrije loop te laten nemen.

 

B. Welke activiteiten worden aangeboden, moeten kinderen meedoen?

Toneel, schminken, knutselen met afvalmateriaal, koken, sporten, yoga enz.

 

C. Moeten kinderen afmaken waar ze aan begonnen zijn?

        Ze hoeven niet af te maken waar ze mee bezig zijn. Soms is het een

        project waar ze mee verder willen. Maar ze moeten wel hun spullen

         opruimen. Bij grotere projecten is het wel de bedoeling dat kinderen mee

blijven doen en het afmaken. Dit wordt ze ook verteld.

 

  1. E.   Welke materialen zijn aanwezig?

          Kapla, lego en andere bouwmaterialen, Knutselmateriaal waaronder veel

         afvalmateriaal, Bak/kookspullen, verkleedspullen, kleden, doeken.

 

 

  1. F.   Hoe wordt een achterstand met leeftijdsgenoten geconstateerd en hoe wordt hier mee omgegaan?

Een eventuele achterstand (maar ook voorsprong) wordt geconstateerd door het kind te observeren in zijn gedrag, spel, omgang met anderen enz. In dat geval zal met het team en ouders besproken worden wat we het kind kunnen aanbieden en hoe we daarmee omgaan.

 

 

RUIMTE VOOR INDIVIDUELE ONTWIKKELING

 

Vraag 23

Om welke reden krijgt het kind individuele activiteiten aangeboden?

We streven ernaar om ieder kind zoveel mogelijk persoonlijke aandacht te geven

 

Als het we het gevoel hebben dat het kind niet lekker in zijn vel zit, zich verveelt, niet genoeg uitdaging heeft enz. We proberen in gesprek met het kind te ontdekken wat het kan zijn of we het op kunnen lossen of niet en bespreken dat ook met het team. Het wordt opgeschreven in de mentormap en besproken met ouders.

 

Vraag 24

Hoe wordt getracht kinderen zelfbewustzijn, eigenwaarde en zelfvertrouwen bij te brengen?

 

Door de dagelijks dingen, gebeurtenissen in het leven te benoemen. Als een kind de takken van de bomen trekt vraag je waarom hij dat doet, of hij kan bedenken wat dit voor de boom betekent enz. Als een kind iets goed kan en/of doet laat je dat merken enz.

 

VOLDOENDE BEWEGINGSVRIJHEID BINNEN EN BUITEN

 

Letterlijk;

Vraag 25

Hoe is de ruimte ingericht, zijn er mogelijkheden om eigen ontdekkingen te doen en wat zijn de grenzen?

 

Binnenruimte:

Er zijn twee grote groepsruimtes die in elkaar waar een deur tussen zit. Deze staat meestal open.

In de achterste ruimte zijn verschillende hoekjes. Verkleedhoek, make-up/schmink tafel met spiegel, bank en kussen hoek, spelletjeshoek . Er staan twee tafels waar aan gegeten kan worden en spelletjes gespeeld worden. Er is een aparte hoek ingericht voor de kleine kinderen van 4-6 jaar, de kleine kind club. Deze kan afgesloten worden met een gordijn.

 

In de tweede groepsruimte staan 2 tafels. Een grote om aan te eten en een kookactiviteit te doen of te tekenen. Een tafel voor de administratie.. In de kast die ernaast staat staan bakken met potlopen en stiften e.d. die ze kunnen gebruiken. Daarachter ligt meteen het atelier waar ze alles kunnen knutselen wat ze willen. Er staan open kasten en bakken zodat kinderen zien wat er is en kunnen pakken wat ze nodig hebben. Er staat een computer en een TV waarop een WII en DVD speler op aangesloten kan worden. Er is geen kabel tv dus de tv kan niet gebruikt worden om programma’s te kijken maar dat is ook niet de bedoeling.

 

Er is een keuken met twee combi ovens, een inductiekookplaat en machines zoals de vaatwasser, koelkast e.d.

 

Er zijn twee gangen waar de kinderen hun jassen op kunnen hangen. Aan het eind van gang waar je binnenkomt vanaf buiten, rechts, bevindt zich nog een kleine ruimte. Deze heeft een afwisselende functie. Het kan een chill hok voor de 7+ kinderen zijn, een muziekhok of een timmerkamer. Afhankelijk van de behoefte van de kinderen wordt dit veranderd.

 

In de school bevindt zich, aangrenzend aan ons deel, de gymzaal waar we sport spellen mogen doen. In de school zelf is verder nog een aula waar we in overleg toneel en dans spellen mogen doen en een kleutergymzaal voor kleuterspelletjes voor de kinderen van 4-6 jaar.

 

 

Vraag 26

Hoe is de buitenruimte ingericht, zijn er mogelijkheden ontdekkingen te doen en wat zijn de grenzen?

 

Er is een groot schoolplein die omsloten is met een metalen hek. Er staat een boom. Ook staat er een schuurtje waar de fietsen en het buitenspeelgoed in opgeslagen staan. Verder is er een zandbak, twee duikelrekken, een basketbal net en paaltjes om overheen te lopen. Er staan twee voetbaldoelen en er is een afgetekend voetbalveld.

 

In een straat achter de locatie ligt een grote gemeente speeltuin met o.a. twee glijbanen, een heuveltje waar je ook onderdoor kunt een voetbalveld en een klimmuur. Als het goed weer is gaan we daar regelmatig met wat kinderen en leiding naar toe. Ook gaan we regelmatig naar de speeltuin aan de Nassaulaan.

 

Vraag 27

Kan en mag het kind zich terugtrekken?

 

Ja, maar er wordt wel aandacht besteed aan de reden. Stel dat het kind bang is voor een ander kind dan moet dat opgelost worden.

 

Vraag 28

Zijn er plaatsen waar kinderen niet door volwassenen gezien worden?

 

Nee, overal is begeleiding bij of staat de deur naar de andere ruimte open. Soms mogen grotere kinderen al wel ergens alleen zijn zoals b.v. in het atelier of de timmerruimte. Maar we gaan dan wel regelmatig kijken.

 

Figuurlijk;

Vraag 29

Op welke wijze worden kinderen gestimuleerd zichzelf te ontplooien en wat zijn de grenzen?

 

Ze mogen vrijelijk bepalen wat ze willen doen buiten. Ze mogen anderen niet hinderen in hun spel.

 

Vraag 30

Mogen kinderen zelf ontdekken wat ze kunnen en wat niet?

.

Ja, tenzij het te gevaarlijk is.

 

GEEN VERBAAL EN /OF FYSIEK GEWELD

Vraag 31

Hoe wordt er omgegaan met:

A. Schelden

B. Vloeken

C. U of jij zeggen.

  1. D.   Vieze woorden

         E. Brutaliteit ten aanzien van volwassenen of andere kinderen

.

Als kinderen schelden, vloeken, vieze woorden gebruiken en brutaal zijn worden ze daarop aangesproken om dat niet te doen. Het is niet respectvol.

Ze hoeven geen u te zeggen maar je en jij. Als een kind zelf graag u wil zeggen dan mag dat.

 

Vraag 32

Hoe wordt er gereageerd op kinderen die;

  1. A.   Elkaar pijn doen

 

Die worden daar op aangesproken. Elkaar pijn doen mag niet en dat moet

duidelijk zijn. Dit wordt genoteerd en besproken in het team en met ouders.

 

B. Spullen van elkaar afpakken

 

         Als de kinderen er niet zelf uitkomen worden ze daar op aangesproken,

         waarom ze dat doen en of het op een andere manier opgelost kan worden.

 

CONTINUITEIT

 

Vraag 33

  1. A.   Is er een vaste dagritme in de (naschoolse)opvang

        

         Ja, in het kort, kinderen halen, ontvangen, eten en drinken, activiteiten

         kiezen, opruimen en afsluiten.

 

  1. B.   Zijn er rituelen?

 

         Ja, als een kind jarig is mag het op de tafel staan. Hij/zij mag bepalen

welk liedje er gezongen wordt. Het kind mag uitdelen en een cadeautje uit de doos zoeken. Ook al het kind afscheid neemt mag het uitdelen als hij /zij dit wil.        

 

  1. C.   Zijn er vaste leid(st)ers?

 

Ja, het weekrooster is altijd hetzelfde. De kinderen en ouders weten precies wie er die dag is, dat hangt ook op de locatie. Bij ziekte proberen we zoveel mogelijk gebruikt te maken van onze vaste invalkrachten.

 

OPMERKINGEN en AANVULLINGEN;

 

Zijn er binnen dit kindercentrum nog pedagogische zaken die in het bovenstaande niet aan de orde zijn geweest, beschrijf die dan hier.

 

 

In de vakantieperiode en op studiedagen van de scholen zijn we, indien er minimaal vijf aanmeldingen zijn, de hele dag geopend van 8.00-18.00. In vakanties zijn we op de woensdag en vrijdag samengevoegd bij de NSO Jan Loris en Marie, op de andere dagen zijn we, tenzij anders vermeld, op De Musketier. Ook bij speciale projecten in de zomervakantie kan het zo zijn dat we een of twee weken samengevoegd zijn bij een andere locatie. Dit wordt tijdig via de mail gecommuniceerd.

De kinderen hoeven niet in vaste groepen te blijven maar mogen spelen waar ze willen. In samenspraak met de kinderen worden er extra leuke dingen op die dagen gepland en uitstapjes gemaakt. Hoe een dag verloopt hangt af van hoeveel kinderen er zijn, welke kinderen, de leeftijden en waar hun behoeftes liggen. Dat wisselt dus sterk per vakantie en per dag. We gaan uit van de kinderen en wat zij willen.

 

 

Op de website van de NSO worden beschreven;

 

De openingstijden

Sluitingsdata

Contactgegevens

Pedagogische beleid

Pedagogisch werkplan

Nieuwsbrieven

Tarieven

Beschrijving van de locatie

Ouderparticipatie

Klachtenregeling

Foto’s

Activiteiten

Bijlage

Dagindeling NSO

15.00-15.15 (p.s.: op vrijdag zijn enkele kinderen al om 12 uur vrij, zij krijgen een broodmaaltijd en kunnen daarna meteen spelen)

Rond deze tijd gaan de meeste scholen uit. Voordat we vertrekken wordt altijd het antwoordapparaat afgeluisterd of er afmeldingen zijn. We halen kinderen op van acht verschillenden locaties. De kinderen van de Oostpoortschool, waar de meeste kinderen vandaan komen, worden op beide locaties door de vaste begeleiders verzameld. De kinderen uit de onderbouw worden uit de klas gehaald, de oudere kinderen komen zelfstandig naar de verzamelplaats. Er mogen altijd wat kinderen mee naar NSO De Molige Mol om een kookactiviteit te doen. Als iedereen er is dan gaan we met z'n allen naar de Musketier. De jonge kinderen mogen plaatsnemen in de bakfiets, de grotere kinderen lopen mee. Sommige kinderen die hun fiets meegenomen hebben mogen meefietsen als hun ouders daarvoor toestemming hebben gegeven. Kinderen die zelfstandig mogen naar de locatie moeten zich eerst melden bij de leiding voor ze vertrekken. Kinderen van de drie scholen uit de wijk Emerald in Delfgauw worden door een bakfietser en een leiding van de Musketier opgehaald. De kinderen van de DSV worden per bakfiets gehaald door een bakfietser. Hier gaat geen begeleiding van ons naar toe. De kinderen van de C. Musiusschool en de P. Mauritsschool worden door de leiding lopend opgehaald.

 

 

15.15/15.30 aankomst op De Musketier

 

Als iedereen aangekomen is wordt vriendelijk verzocht om hun jas op te hangen aan de kapstok in hun luizenzak. Als ze hun schoenen uit willen moeten ze die bij de kapstok uit doen. De kinderen worden uitgenodigd om aan tafel plaats te nemen. De kinderen hebben op de Musketier een vaste ruimte en tafel waar ze ontvangen worden en waar ze wat kunnen eten en drinken. De kinderen van de Oostpoortschool, worden ontvangen in de achterste groepsruimte. De kinderen van 4-5 jaar zitten in de kleine kindclub, de andere aan de hoge tafels. De kinderen van de C. Musiusschool, de drie scholen uit de wijk Emerald, de Prins Mauritsschool en de DSV zitten in de eerste groepsruimte naast de keuken. Als er veel kinderen zijn wordt ook het atelier gebruikt. Bij elke tafel zit een (vaste) begeleider.

Ze krijgen fruit en iets te eten en drinken. Er wordt gekletst over onderwerpen die de kinderen en/of de leiding aandragen. Ondertussen kruist de leiding op de presentielijst aan wie er is en de namen worden op het white board geschreven.

 

15.45/16.00

Na het eten mogen de kinderen kiezen wat ze willen doen. De kinderen hoeven dus niet in hun vaste ruimte te blijven maar mogen een activiteit doen die zij willen. Het kan dus zijn dat oudere en jongere kinderen samen een bepaalde activiteit doen of samen buiten spelen. Andersom kan het ook zo zijn dat er speciaal met de 4-6 jarigen naar de speelzaal gegaan worden en met de 7+ kinderen naar de gymzaal als de behoefte daar ligt. De leid(st)er kind ratio is iig 1:10.

In elke ruimte is vaste leiding aanwezig.

Er wordt regelmatig een activiteit gedaan door een vakkracht van buitenaf.

Ook mogen er vaak kinderen meedoen als de Brede school Delft een activiteit op school organiseert.

De kinderen kunnen knutselen in het atelier

Timmeren en zagen in het timmerlokaal.

Buiten spelen /activiteiten op het schoolplein

Buitenspelen met de leiding naar de gemeente speeltuin

Bakken en koken in de groepsruimte bij de keuken.

Vrij spel in het lokaal

Sport en spel in de Gymzaal

Spelletjes in de Speelzaal(voor kinderen tot 6 jaar)

 

Het hangt er van af hoeveel en welke kinderen en zijn op de dag hoe het verloopt. Het aanbod wordt regelmatig vernieuwd en afgestemd op de interesses van de kinderen. Soms gaan we ook op stap, boodschappen doen, naar de botanische tuin enz.

 

17.00

Limonade en gemaakte hapjes opeten.

 

17.30

Opruimen

18.00

Sluiten

 

Dagindeling woensdag

Op woensdagen is het dagritme iets anders dan op de andere dagen. De kinderen zijn woensdagmiddag vrij van school.

 

11.30/12.45

De medewerkers ontvangen de bakfietser die kinderen ophaalt van de Oostpoortschool. De jongste kinderen van de Cornelis Musius school worden opgehaald door een medewerker. De oudere kinderen komen zelf.

De andere medewerker haalt de kinderen va de Prins Mauritsschool op en die haalt ook indien nodig melk of andere boodschappen.

12.45/13.45                

Intussen zijn de kinderen van de Oostpoortschool gebracht en als de kinderen van de Mauritsschool er ook zijn , gaan we gezamenlijk tafeldekken en dan lunchen. Soms heeft 1 van de medewerkers iets extra’s gemaakt, pannenkoeken, tosti’s of gebakken ei. We eten aan 1 tafel met z’n allen, er is ruimte voor een gesprekje, verhalen, ook voor grapjes zolang er maar ook gegeten wordt. Ook bespreken we wat we gaan doen ’s middags. Meestal gaan we ergens heen met z’n allen; dit is mogelijk omdat we maar weinig kinderen hebben. Bij mooi weer gaan we meestal naar de kinderboerderij/waterspeeltuin of naar de gewone speeltuin of beweegtuin in de buurt. Als het minder mooi weer is, gaan we naar DOK. Daar kunnen ze boekjes lezen, naar verhaaltjes luisteren en op de X-Box. Soms is er een workshop en daar kunnen ze dan aan meedoen.

 

13.45/16.30

We gaan opruimen, de kinderen kunnen nog even spelen als wij intussen de vaatwasser inruimen, voorbereidingen treffen voor het uitje, evt ouders bellen waar we zijn als ze hun kind eerder willen ophalen en maken een briefje voor op de deur met onze telefoonnummers en de plaats waar we zijn. We bespreken hoe we er naar toe gaan, wie er op de fiets zijn en wie er in de bakfiets kunnen. Meestal hebben 4 kinderen een fiets bij zich, dus dan kunnen we 2 aan 2 rijden. We maken een tas klaar met wat EHBO spullen erin, koekjes en n fles limonade

Alle kinderen moeten eerst plassen, dan jassen aandoen en dan gaan we op weg. De ene medewerker fietst met de bakfiets met 6/7kinderen erin en de ander fietst met de rest, al naar gelang hun leeftijd en fietservaring mogen de oudere kinderen naast elkaar fietsen.

We proberen om tussen 16.30 en 16.45 terug te zijn i.v.m. de ophaaltijden.

Als we terug zijn gaat 1 van de medewerkers fruit en limonade klaarmaken en dan krijgen de kinderen er ook nog een stuk ontbijtkoek/eierkoek bij. De kinderen gaan weer vrij spelen, sommigen buiten, anderen willen knutselen.

 

17.30

Opruimen

 

18.00

Sluiten

 

Dagindeling vakantie

Voor elke vakantie voor een apart vakantieactiviteiten plan opgesteld in overleg met de kinderen. Het hangt er dus vanaf wat we gaan doen, hoe het weer is en hoeveel kinderen en in welke leeftijdscategorie er komen. Hieronder is de basisindeling.

 

8.00/10.00

 

Ontvangst

 

10.00

 

Limonade en koekje/fruit

 

Afhankelijk van de geplande activiteiten gaan die van start. Dat kan heel verschillende zijn.

 

12.00

Als we op de locatie zijn dekken we rond deze tijd de tafel en gaan of een broodmaaltijd eten of iets lekkers zoals pannenkoeken of tosti's.

Zijn we niet op de locatie dan picknicken we dus onderweg.

 

16.00-17.00

Rond deze tijd zijn we weer terug op de locatie. We drinken en eten nog wat gezamenlijk.

 

18.00

Sluiting


 

 
Adres

De Lange Keizer
Raam 20A
2611 LT Delft

015-2120905

info@delangekeizer.nl